Nieuws

Van Oord neemt eerste windmolen installatieschip in de vaart

Jan Spoelstra | dinsdag 8 juli 2014
Scheepsbouw, Van Oord

Van Oords strategie om in te spelen op de groeiende behoefte aan offshore windenergie krijgt vorm. Zo nam het onlangs het transport- en installatieschip ‘Aeolus’ in de vaart.

Op 21 juni nam Van Oord zijn eerste transport- en installatieschip voor offshore windturbines in de vaart. Mevrouw Aboutaleb-Erahoutan, vrouw van de burgemeester van Rotterdam, doopte het schip tot de ‘Aeolus’, dat verwijst naar een figuur uit de Griekse mythologie die was aangesteld als bewaarder van de winden. Van Oord zet het schip de komende jaren in bij de bouw van het Luchterduinen en Gemini Windpark.

De Hamburgse Sietas werf bouwde het schip van 139 meter lengte en 38 meter breedte. Het schip heeft een ontwerpdiepgang van 5,7 meter, vaart 12 knopen en heeft een totaal geïnstalleerd vermogen van bijna 19.000 kW, dat voor het grootste deel wordt opgewekt door vier MAN hoofdmotoren.

De voortstuwing gebeurt volledig dieselelektrisch. Het schip heeft twee schroeven met verstelbare schroefbladen die elk door twee elektromotoren (totaal 4 x 2.500 kW) aangedreven wordt. Daarmee kan het schip zonder de rotatie van de schroefas om te draaien zowel voor- als achteruit varen. Dit geeft een voordeel ten opzichte van de 360 graden roterende Azimuth thrusters, aangezien je bij die thrusters een vertraging hebt wanneer de schroeven 180 graden moeten draaien voordat de voortstuwingsrichting kan omkeren. De Aeolus heeft twee boegschroeven en twee hekschroeven (in totaal 4 x 2.500 kW). De acht elektromotoren die de voortstuwing verzorgen, zijn alle gelijk wat reparatie en onderhoud vergemakkelijkt.

Stabiel werkplatform

Via vier jack-up palen kan het schip opgekrikt worden en een stabiel werkplatform bieden in waterdieptes tot 55 meter. Het schip is DP2 gecertificeerd door DNV GL. Die dynamische positionering heeft het schip nodig op het moment van opkrikken, en dan vooral rond het moment dat de jack-up dpalen de bodem in gaan. Als het schip dan heftig beweegt, komen er onwenselijke horizontale krachten op de palen. Het schip kan tot golfhoogtes van 2,5 meter veilig opgekrikt worden.

Aan dek liggen inmiddels jukken waar twee formaten monopiles op kunnen liggen, met het oog op de twee projecten waar het schip al voor gecontracteerd is. Zo zal het schip beginnen met de bouw van het Eneco Luchterduinen windpark (Mitsubishi en Eneco) op 23 kilometer voor de kust tussen Noordwijk en Zandvoort. Daar installeert Van Oord het komende jaar 43 Vestas V112 windturbines, die na de zomer van 2015 een maximaal vermogen van 129 MW (voor circa 150.000 huishoudens) gaan leveren. Van Oord is verantwoordelijk voor de fundaties, het installeren van de turbines en het aanleggen van de infrastructuur voor de elektriciteitskabels (inclusief transformatorstation).

Daarna gaat Van Oord met de Aeolus (6.500 ton deadweight) hetzelfde werk doen voor het Gemini windpark, 55 kilometer ten noorden van Schiermonnikoog in maximaal 38 meter waterdiepte. De kraan van het schip heeft een capaciteit van 900 ton, net genoeg om de monopiles naar de zeebodem te laten zakken. Aan dek komt een krachtige hamer te staan om de palen de grond in te heien. De toren van de windmolen komt rechtstreeks op de monopiles te staan.

De bouw van het schip is niet zonder slag of stoot verlopen. Zo ging de Duitse werf tijdens de bouw failliet. De bouw ging echter onder toezicht van de curator en met uitgebreide begeleiding van Van Oords nieuwbouwafdeling en het Noord-Nederlandse Central Industries Groep (CIG) gewoon door.

Aanmelden nieuwsbrief

Meld je nu aan voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte van het laatste nieuws van Maritiem Nederland.

Abonneer je nu!

Bestel nu GRATIS 2 proefnummers

Bent u nog niet bekend met Maritiem Nederland? Vraag dan hier uw proefabonnement aan!

Bestel nu GRATIS 2 proefnummers

Word ook abonnee!

Neem nu een abonnement en ontvang elke maand hèt vakblad voor de maritieme sector op de deurmat.

Sluit nu een abonnement af

Partners Maritiem Nederland