Nederland baggerland | Maritiem Nederland
Nieuws
Palm Island

Nederland baggerland

Jan van den Berg | woensdag 12 juli 2006

De eeuwenlange strijd met het water heeft Nederland een koppositie in de baggersector opgeleverd. Van de vier grootste baggerbedrijven ter wereld zijn er twee Nederlands. De stijgende zeespiegel en de bevolkingsgroei maken de vooruitzichten alleen maar beter.

Baggeren is big business. In Nederland is er voortdurend werk om de zee op afstand te houden, landaanwinning te realiseren en vaarwegen en rivieren op diepte te houden. Het is dan ook niet verwonderlijk dat Nederland een paar honderd bedrijven telt die baggeren en andere waterstaatkundige werkzaamheden uitvoeren.

 

Breed werkterrein

Sommige bedrijven zijn klein, werken alleen in Nederland of specialiseren zich op één taak. Andere bedrijven bestrijken een breed werkterrein en werken in het buitenland. De twee grootste baggerbedrijven zijn Boskalis en Van Oord. Zij vormen met de Belgische concurrenten Jan de Nul en DEMA de mondiale top-vier. Deze bedrijven zijn voor een belangrijk deel van hun omzet afhankelijk van de wereldmarkt.

De Nederlandse baggersector telt in totaal tegen de driehonderd bedrijven. Hieronder bevinden zich vele kleine bedrijven, die alleen lokaal of regionaal werken. In totaal werken er ongeveer 5.000 mensen in de sector.

Omdat deze bedrijven een scala van activiteiten uitvoeren, is het niet eenvoudig aan te geven welk deel van hun omzet gemoeid is met baggeren. Grote baggerbedrijven zijn bijvoorbeeld ook actief in de offshore met het storten van stenen en ander materiaal dat nodig is voor de aanleg van olie- en gasinstallaties. De omzet in alleen het baggeren lag vorig jaar op ongeveer een miljard euro. Hiervan staat ongeveer zeventig procent op het conto van Boskalis en Van Oord.

 

´The World´in wording (foto: van Oord)Kunstmatig eiland

Bijna zestig procent van de omzet halen de baggeraars in het buitenland. Voor Boskalis en Van Oord ligt dit cijfer zelfs nog hoger. Zonder enige overdrijving mag dan ook gezegd dat de sector zeer internationaal georiënteerd is. De grote Nederlandse baggeraars zijn actief in tientallen landen. Zij waren betrokken bij een van de grootste bagger- en landaanwinningsprojecten ooit, namelijk de aanleg van het vliegveld Chek Lap Kok in Hong Kong. Hier waren in het begin van de jaren negentig grote baggeraars uit vele landen bij betrokken. Dit soort projecten komt regelmatig voor. In de periode 2001-2003 werd in Dubai het kunstmatige eiland Palm Jumeirah aangelegd. Het land is opgespoten door Van Oord. Momenteel is het bedrijf bezig hetzelfde te doen voor het project The World, dat ook bij Dubai ligt. Tussen 2003 en volgend jaar moeten er driehonderd kunstmatige eilanden aangelegd worden, plus een 25 kilometer lange golfbreker.

Dit alles ademt sterk de sfeer: 'waarin een klein land groot kan zijn', wat ontegenzeggelijk waar is. Toch is er reden voor zorg. Baggeren gaat niet altijd van een leien dakje. Boskalis en Van Oord hebben vorig jaar beide te maken gehad met een forse omzetdaling, respectievelijk 7,5 en 15 procent. De marges staan onder druk, omdat er te weinig werk is om de mondiale baggervloot volop aan het werk te houden. Boskalis heeft dan ook laten weten dat de marges dit jaar evenmin bijzonder florissant zullen zijn.

 

Begerige ogen

Net als vrijwel iedere internationaal gerichte sector, kijken de baggerbedrijven met begerige ogen naar China. Deze markt is van oudsher zeer gesloten. Maar er moet zoveel werk worden verzet, dat de Chinese baggeraars het werk niet aankunnen. De enorm groeiende handel vereist steeds meer land, kades en vaarwegen. Bedrijven als Boskalis en Van Oord hebben al wel klussen gedaan in China, maar altijd in een bijrol. Zij hopen uiteraard dat er nu een doorbraak totstandkomt. Maar zeker dat die er komt, kunnen ze nog niet zijn.

In Nederland is er eveneens uitzicht op meer werk. Het besluit om de Tweede Maasvlakte aan te leggen is definitief. De eerste aanlegfase gaat van start in 2008 en heeft een waarde tussen de één en anderhalf miljard euro. Er moet 700 hectare worden opgespoten.

Ook aan de andere kant van het spectrum is er uitzicht meer werk. Hier gaat het om bescheidener projecten, die vooral interessant zijn voor de kleinere ondernemingen in de sector. Zo hebben veel Nederlandse vaarwegen achterstallig onderhoud. Bovendien zijn bodems van menige rivier, kanaal en haven vervuild. Voor zowel het achterstallig onderhoud als het verwijderen van vervuilde bagger heeft het kabinet extra geld beschikbaar gesteld. Het jaarlijkse budget voor baggeren is verdubbeld tot 100 miljoen euro, terwijl er een half miljard euro vrijkomt voor een eenmalige inhaalslag van achterstallige werkzaamheden.

 

Samenwerking

De baggeraars zijn natuurlijk in hoge mate afhankelijk van de werkzaamheden die overheden en marktpartijen door hen willen laten uitvoeren. Ze zijn niet in de positie om de omvang van hun markt zelf te kunnen bepalen. Om goed te presteren, zullen ze het dus moeten hebben van concurrentiekracht.

Juist op dit gebied lijkt iets mis te zijn met 'Hollands Glorie'. Half september publiceerde het Netherlands Water Partnership een rapport over de gehele Nederlandse watersector. Deze organisatie is een samenwerkingsverband van publieke en private partijen. De conclusie luidt dat de sector in het algemeen te weinig gericht is op de marktvraag. Er is in het buitenland altijd veel bewondering voor onze kennis van water, maar dat vertaalt zich niet automatisch in opdrachten.

In diverse deelsectoren van de watersector behoeft de samenwerking tussen bedrijven, onderzoeksinstellingen en overheden versterking. Ook moeten zij zich meer richten op de vraag uit de markt. Overigens geldt dit het minst voor de baggeraars, omdat zij reeds zeer internationaal gericht zijn. Zij mogen zich echter wel aangesproken voelen door de conclusie dat zij vooral goed zijn op hun eigen terrein. Samenwerking met andere disciplines laat volgens het rapport te wensen over. Juist dit zou de positie verbeteren, omdat zo een breder dienstenpakket kan worden aangeboden, waarmee de kans op nieuwe opdrachten toeneemt.

Een en ander neemt niet weg dat de markt voor baggeraars grosso modo alleen maar groeit. De zeespiegel stijgt en de bevolking in kuststreken neemt toe. Deze combinatie van factoren betekent dat er steeds meer inspanningen nodig zijn om het land droog te houden. Dat groeiende productie en handel ook positief zijn voor de baggerbedrijven, heeft het eerder genoemde voorbeeld van China laten zien.

 

www.vbko.nl

Kader 1

Boskalis

Koninklijke Boskalis Westminster NV is een van de grootste baggermaatschappijen ter wereld. De belangrijkste activiteiten van Boskalis zijn landaanwinning, aanleg en onderhoud van havens en vaarwegen. Ook op volle zee is het bedrijf actief, bijvoorbeeld voor de offshore. De oorsprong van het bedrijf ligt in 1910, als Boskalis wordt opgericht door drie Sliedrechtse baggeraars als Fa. Kraaijeveld en Van Noordenne. In de jaren dertig van de vorige eeuw wordt het bedrijf een NV en neemt het de naam Baggermaatschappij Bos & Kalis aan. In de jaren daarna groeit het bedrijf voorspoedig. Maar het gaat niet altijd goed. Medio jaren tachtig zit Boskalis op het randje van een faillissement.

In 2004 boekte Boskalis een omzet van 1 miljard euro en een nettowinst van 30 miljoen euro. Het bedrijf bezit 300 schepen en heeft wereldwijd 7.000 mensen in dienst, de personeelsleden van joint ventures meegeteld. De grootste aandeelhouders zijn HAL Holding NV, met 31procent, en Delta Lloyd, met 5 procent. Sinds 1993 staat Rob van Gelder aan het roer bij Boskalis.

www.boskalis.com

 

Kader 2

Van Oord

Van Oord voert bagger- en waterbouwkundige werkzaamheden uit voor landaanwinning, onderhoud en aanleg van havens en vaarwegen en het beschermen van kusten en oevers. Verder is het bedrijf actief in de offshore. Van Oord is opgericht in 1868 door Govert van Oord. Het huidige bedrijf is ontstaan uit het samengaan van vele bedrijven. In 2003 nam het toenmalige Van Oord ACZ het baggerbedrijf Ballast HAM Dredging over. Dit bedrijf ontstond bij een fusie tussen de baggerbedrijven van Hollandse Beton Groep en Ballast Nedam.

Ondanks de omvang is Van Oord altijd een familiebedrijf gebleven. In de directie zit nog altijd een lid van de familie, te weten Koos van Oord. Van Oord heeft ongeveer 2.500 mensen in dienst, die zijn verspreid over vestigingen in ruim twintig landen. Zij zetten in 2004 763 miljoen euro om, tegen 897 miljoen euro in het jaar ervoor. De nettowinst bedroeg in het afgelopen jaar 16 miljoen euro. Van Oord heeft zo'n 125 schepen in dienst.

www.vanoord.com


Kader 3

Milieusparende zandwinningsmethode

Zandwinning is een veel voorkomende activiteit voor baggerbedrijven, bijvoorbeeld voor het uit uitdiepen van kanalen, vaarten en meren. Het probleem is vaak dat de bodem vervuild is. De kosten van afvoer en verwerking hiervan zijn doorgaans hoog. Een ander nadeel is de ecologische verstoring van de bodem.

Boskalis heeft daarom een innovatieve methode ontwikkeld om de bodem te verlagen zonder deze te beroeren. Dit gebeurt door zand onder de bodem weg te zuigen. Dit is alleen mogelijk als er een zandlaag onder de bodem ligt.

De BeauDredge-techniek maakt gebruik van een buis van een halve meter doorsnede die door de bovenste laag van de bodem wordt gestoken. Afgezien van het 'doorprikken', is deze verder niet in beweging. Onder aan de buis is een hydrojet gemonteerd. Door het inspuiten van water ontstaat een water-zandmengsel dat afgezogen kan worden.

 

Praktijkproeven

De hydrojet roteert horizontaal. Hierdoor wordt het water-zandmengsel weggezogen uit een cirkelvormig gebied met een diameter van 5 tot 5,5 meter. De dikte van het weggezogen gebied bedraagt 0,5 tot 2 meter. Met deze methode is het mogelijk om per uur 150 kubieke meter op te zuigen bij een water-zandverhouding van 1 : 3. Na wegzuiging van het zand zakt de bodem langzaam naar beneden. De methode is zowel toepasbaar op het land als onder een waterbodem.

Sinds 2002 zijn er verschillende praktijkproeven uitgevoerd met de BeauDredge. De eerste vonden plaats op het droge. Rijkswaterstaat heeft de BeauDredge vervolgens getest in de bodem van het Ketelmeer. Onder een waterbodem van drie meter dikke klei is twee meter zand weggezogen, waardoor de bodemdikte van zes toe vier meter daalde. De proef slaagde: vegetatie en ander leven op de bodem raakten nauwelijks verstoord.

 

Kader 4

'Natuurlijk' baggeren

Van Oord heeft in samenwerking met het Waterloopkundig Laboratorium in Delft een 'natuurlijke' baggermethode ontwikkeld: Water Injection Dredging (WID), oftewel waterinjectiebaggeren.

Bezonken sediment wordt hierbij geïnjecteerd met water onder lage druk en vormt een vloeibare stroom, die zich verplaatst onder invloed van de zwaartekracht. De stroming die het sediment transporteert blijft relatief dicht bij de bodem en creëert hierdoor hoger in het water geen vertroebeling. Het sediment verspreidt zich nauwelijks in het aangrenzende water.

Met WID zijn slib en zand te verwijderen op plaatsen waar ander materieel niet veilig kan werken. Hierbij valt te denken aan waterbodems langs kades en taluds, in sluizen en droogdokken, onder aanlegsteigers en aangemeerde schepen. Ook is WID geschikt voor het egaliseren van de zeebodem voor pijpleidingen en delen voor tunnels, het maken van sleuven voor kabels en pijpleidingen en het egaliseren van gebaggerde gebieden om de hoeveelheid te baggeren materiaal te reduceren. Onder de juiste omstandigheden is WID een economisch alternatief voor andere vormen van onderhoudsbaggerwerk.

 

Flexibel

Waterinjectiebaggeren wordt vaak toegepast in kleine havens vanwege de wendbaarheid van de schepen. Water Injection Dredgers zijn in staat om dicht bij de wal en kademuren te werken. Dit biedt een oplossing voor gebieden waar veel ongewenst sediment is, zoals bij de vele havens aan de Westerschelde. Van Oord kreeg van het ministerie van Verkeer en Waterstaat opdracht om op deze locaties onderhoudsbaggerwerk uit te voeren met behulp van WID.

Het materieel voor WID is flexibel. Van Oord gebruikt makkelijk te transporteren units voor binnenwateren of wanneer er weinig tijd is voor mobilisatie. De HAM 922 is een eenheid die bestaat uit standaard containers die snel wereldwijd te transporteren zijn. Samengesteld vormen deze containers een compleet ponton met alle toebehoren. Een lokale sleep- of duwboot dient voor het manoeuvreren. 

Partners Maritiem Nederland