‘VK moet geen Singapore op de Noordzee worden’ | Maritiem Nederland
Achtergrond
Lodewijk Wisse: ‘Het wordt opnieuw een spannend jaar, maar ik ben positief gestemd.’

Lodewijk Wisse (KVNR) over gevolgen Brexit voor zeevaart


‘VK moet geen Singapore op de Noordzee worden’



Het Verenigd Koninkrijk is geen lid meer van de EU. Het echtscheidingsdocument is inmiddels getekend, nu moet nog de omgangsregeling nog worden vastgesteld. Dat betekent dat dit jaar minstens zo spannend wordt als de afgelopen jaren, na het referendum waarin een kleine meerderheid van de Britten stemde voor uittreding uit de Europese Unie. Een gesprek met Lodewijk Wisse, portefeuillehouder Brexit bij redersvereniging KVNR.

Hoewel de redersvereniging positief is gestemd, is een no deal Brexit nog steeds een mogelijkheid. En dat zou voor de reders betekenen dat de grenscontroles weer terugkomen met alle vertragingen en kosten van dien.

Met het uittreden van het Verenigd Koninkrijk uit de EU, breekt een nieuwe spannende periode aan. Het eerste jaar verandert er niet veel. Tot 1 januari 2021 is immers sprake van een zogenoemde overgangsperiode. Tot die tijd hebben Europa en het VK de tijd om te komen tot een handelsverdrag. Zo verandert er bijvoorbeeld nog niets ten aanzien van de erkenning van door het VK afgegeven vaarbevoegdheidsbewijzen en de gelijkstelling van in het VK afgegeven geneeskundige verklaringen voor de zeevaart.

De overgangsperiode kan ook nog worden verlengd, dit moet een van de beide partijen dan voor 1 juli aanvragen. Het Verenigd Koninkrijk heeft echter wettelijk vastgelegd dat deze periode niet verlengd kan worden. Mochten de onderhandelaren er niet uit komen, dan is alsnog sprake van een harde Brexit en vallen de EU en het VK voor hun handelsrelatie terug op de afspraken die gemaakt zijn door de Wereldhandelsorganisatie (WTO).

'De terugkeer van controles aan de grens zou voor Nederland een slechte zaak zijn'

De staten binnen de EU mogen geen individuele handelsverdragen sluiten. Als van dit mondiale vangnet gebruik moet worden gemaakt, dan zou dat volgens Lodewijk Wisse – die binnen de KVNR de Brexit in zijn portefeuille heeft – een “slechte zaak” zijn. ”Wij hebben zo’n intensieve handelsrelatie met het VK, dan komen weer de controles aan de grens terug en lopen de vertragingen weer op met als gevolg meer kosten.”

Lobbyen

Maar zover is het nog niet. De KVNR lobbyt via de Nederlandse overheid en de Europese redersvereniging ECSA voor de reders intensief voor een goed handelsverdrag tussen de EU en het VK. Belangrijkste punt daarbij is volgens Wisse dat het goederenvervoer tussen Europa en het VK soepel kan blijven verlopen zonder barrières, controles en vertragingen.

“Het goederenvervoer richting het VK blijft hoe dan ook doorgaan, wij zijn op elkaar aangewezen. Als we vandaag geen producten meer uit het Westland naar het VK kunnen vervoeren, dan merken ze dat daar morgen al in de supermarkt. Het is nu alleen de vraag onder welke voorwaarden wij kunnen blijven handelen. Wij moeten niet te maken krijgen met een andere manier van concurrentie. Het VK moet geen Singapore op de Noordzee worden. Daarom is een goede toegang tot de markt en een gelijk speelveld, ook de basis voor het af te sluiten handelsakkoord”, aldus Wisse.

Eigen standaard

Omdat het VK voor een groot deel haar eigen gang wil gaan met bijvoorbeeld eigen standaarden voor kwaliteit, is de kans erg groot dat de controles aan de grens zullen terugkomen. En dat kan het transport van verse of beperkt houdbare producten – die een groot deel uitmaken van de handel richting het VK – verder bemoeilijken. “Het is daarom belangrijk dat de EU en het VK goede afspraken weten te maken, bijvoorbeeld ook over het vervoer van levende dieren en dierlijke producten. Maar de Britten willen hun vrijheid terug en hebben al gezegd wat ze allemaal niet willen. Er blijven daarom steeds minder opties over. Het is de vraag of we dat als EU goed of niet goed vinden.”

“Als de Britten blijven vasthouden aan afwijkende standaarden, dan komen de controles aan de grens weer terug, met als consequenties vertragingen en kosten. Want de faciliteiten voor controles  aan de grenzen, zijn er niet meer. Het is dus afwachten wat de normen gaan worden, maar een soepel verlopen van het transport is essentieel voor ons. Daar zetten zowel de KVNR als de ECSA vol op in.”

Wat er kan gebeuren is dat de dieren die naar de EU worden vervoerd aan de grens moeten worden onderzocht op hun gezondheid en of ze voldoen aan de EU-standaarden. De vergelijking met het Coronavirus in China kan worden gemaakt; de landen rondom China sluiten hierdoor de grenzen en stellen strenge gezondheidscontroles aan de grens in.

Blijvende toegang

Behalve op het soepel verlopen van het goederentransport zet de KVNR samen met ECSA in op een blijvende toegang van de Europese zeevaart tot de Britse markt. “Wij willen als Europese zeevaart altijd toegang houden tot de andere markten. Dat betekent in het geval van het VK dat wij de Britse havens mogen blijven aandoen en tussen de Britse havens mogen blijven varen. Cabotage moet dus mogelijk blijven.”

‘Vanuit Nederlands en Europees perspectief moeten zeevarenden kunnen blijven werken in het VK’

Een ander punt waar de redersvereniging zich hard voor maakt, is de mogelijkheid dat zowel passagiers als zeevarenden altijd toegang houden tot het Britse grondgebied. Het gaat hierbij voor een belangrijk deel over de ontwikkelingen die spelen op de Noordzee, niet alleen in de traditionele offshore zoals olie en gas, maar ook bij de aanleg van windparken. “Vanuit Nederlands en Europees perspectief moeten zeevarenden altijd kunnen blijven werken in het VK. Ze moeten in en uit kunnen blijven reizen. Dat is heel erg belangrijk voor de offshore.”

Enorme opgave

Omdat een afscheid van het VK zonder handelsverdrag nog steeds mogelijk is, gaat de KVNR door met de voorbereidingen hiervoor. Want mocht het alsnog misgaan, dan zijn de vlaggen van het VK en Gibraltar geen Europees kwalificerende vlaggen meer. Dat zou in het geval van de tonnageregeling fiscale gevolgen kunnen hebben. Rederijen moeten de schepen dan ‘omvlaggen’.

Overigens heeft een aantal rederijen dit volgens Wisse de afgelopen jaren al gedaan en dit kan het komende jaar nog verder toenemen. “Een deel is omgevlagd naar de Nederlandse vlag, anderen naar andere Europese vlaggen. Als KVNR vinden wij natuurlijk dat rederijen de schepen zouden moeten omvlaggen naar onze prachtige en kwalitatief hoogstaande Nederlandse vlag.”

Openingsbod

Om de wensen van de reders goed geregeld te krijgen in het handelsverdrag, bewandelt de KVNR twee routes, via de Nederlandse overheid en via de ECSA. Inmiddels heeft de Europese Commissie al haar concept onderhandelingsmandaat vastgesteld waar de onderhandelaars mee aan de slag kunnen.

Het is een soort van openingsbod richting de VK. Op het moment dat het VK een dergelijk mandaat zelf ook gereed heeft, kunnen de onderhandelingen beginnen. “Het blijft een enorme opgave, we beginnen eigenlijk weer bij nul”, besluit Wisse. “Het wordt opnieuw een erg spannend jaar, maar ik ben positief gestemd.”

Partners Maritiem Nederland