Platform voor het gehele maritieme cluster
Achtergrond
Op het hoofdeiland van 2,5 bij 1 kilometer staat onder meer een twaalf meter hoge uitkijktoren (foto: John Ekkelboom)

Eerste eilanden Marker Wadden gereed


Eerste eilanden Marker Wadden gereed

John Ekkelboom | dinsdag 23 oktober 2018
Baggeren

Op 8 september werd een van de vijf eilanden van de Marker Wadden officieel opengesteld voor het publiek. Hier kunnen niet alleen vogels maar ook mensen genieten van deze nieuwe natuur die baggerbedrijf Boskalis de afgelopen jaren heeft aangelegd. De zogenoemde windwadden zijn een Hollands hoogstandje waarbij nieuwe technieken en experimenten niet werden geschuwd.

Vanaf de Bataviahaven in Lelystad vertrekken we met de crewboat Sirocco van Boskalis richting de Marker Wadden. Kapitein Frans vertelt dat hij de afgelopen twee-en-half jaar zo’n vijfduizend keer heen en weer is gevaren om werknemers weg te brengen en op te halen naar het eilanden-project in het Markermeer. Immers 24 uur per dag en zeven dagen per week moest het baggermaterieel draaien. Om het resultaat daarvan te zien, varen we ongeveer 9 kilometer richting het noordwesten.

Aangekomen in de nieuwe haven, komt al meteen het waddengevoel naar boven. Rondom zijn overal duinen, stranden, riet, lisdodde en water te zien. Vogels laten het vrijwel afweten, terwijl dit toch een walhalla zou moeten worden voor deze dieren.

Op de vraag waar die dan zijn, moet Jeroen van der Klooster lachen. Hij is projectmanager bij Boskalis, het baggerbedrijf uit Papendrecht dat de Marker Wadden heeft aangelegd. “Als je enkele maanden geleden hier kwam, wemelde het van de vogels. Zo’n 2.000 broedparen zijn er toen geteld. Maar inmiddels zijn de meeste vogels naar andere oorden vertrokken. Volgend jaar komen ze terug om hier te broeden.”

Natuurlijke balans herstellen

De Marker Wadden is een plan van Natuurmonumenten dat samen met Rijkswaterstaat werd uitgewerkt. Het idee was vlakbij de 26 kilometer lange Houtribdijk tussen Lelystad en Enkhuizen een groep eilanden in het Markermeer aan te leggen waar de natuur zich kan ontwikkelen. De afsluiting van dit meer in 1976, oorspronkelijk bedoeld om dat deel van het IJsselmeer in te polderen, heeft uiteindelijk geleid tot verstoring van de natuurlijke balans.

Door dammen en dijken zijn natuurlijke oevers, ondiepten en bodemleven verdwenen en daarmee ook vissen en trekvogels. Met de nieuwe eilanden moet die natuur zich kunnen herstellen. Tot nu toe zijn er vijf eilanden gerealiseerd, met een totale oppervlakte van 800 ha. Daarvan is het hoofdeiland in september officieel opengesteld voor kleinschalige recreatie. De andere eilanden zijn niet toegankelijk voor toeristen en uitsluitend bedoeld voor natuurontwikkeling.

Op het hoofdeiland laat Van der Klooster zien wat er sinds de start van het project in maart 2016 zoal is gebeurd. Zo hebben de kraanschepen de Kreeft, de Schorpioen en de Zeekoe een stenen rand aangelegd aan de meest stormgevoelige zijde van het eiland. Ook zijn er twee havendammen van steen opgetrokken. Daarna werden de contouren van de eilanden met zanddammen geconstrueerd. Dit gebeurde met een sproeiponton met een sproeikop van zeven meter breed. Op waterniveau aangekomen, namen kraanschepen het over van het sproeiponton om deze dammen verder op te hogen tot 1,5 meter daarboven.

Vervolgens konden de zo gecreëerde compartimenten worden gevuld met zand en slib, vertelt de projectmanager van Boskalis. “Het Markermeer is gemiddeld vier meter diep. De bovenste bodemlaag van acht meter bestaat uit slib dat in het Holoceen is ontstaan. Daaronder zit een laag zand tot dertig meter diepte uit het Pleistoceen. Via enkele winputten hebben we dat materiaal met onze Edax, een 85 meter lange snijkopzuiger met een vermogen van 9500 kilowatt, gewonnen. Deze cutterzuiger hebben we eerder onder meer gebruikt bij de aanleg van de Tweede Maasvlakte en de uitbreiding van het Suezkanaal in Egypte.”

Gansbegaanbaar

Al dat zand en slib werd vanaf de Edax via drijvende leidingen, zinkerleidingen op de meerbodem en uiteindelijk landleidingen getransporteerd naar de compartimenten. De exacte locatie werd via gps bepaald. Van der Klooster vertelt dat er in totaal ongeveer 28,5 miljoen kuub is verwerkt.

Op zijn mobieltje rekent hij uit hoeveel vrachtwagens nodig zouden zijn geweest om een dergelijke hoeveelheid te vervoeren. Hij komt uit op 1,1 miljoen. “Bijzonder was natuurlijk dat we ook slib hebben gebruikt om die compartimenten te vullen. Dat is nooit eerder gedaan. Verder moesten de eilanden gansbegaanbaar worden: plas-dras zodat water- en moerasvogels zich daar optimaal thuis voelen. Dit betekende dat we tijdens het vullen de hoogten van de eilanden goed in de gaten moesten houden. Gezien het drassige terrein kon dat natuurlijk niet vanuit het veld. Daarom hebben we een drone aangeschaft die binnen een week alles in kaart kon brengen. Dat monitoren deden we ieder kwartaal.”

De drassige grond leverde nog een ander probleem op. “Het gebied moest namelijk ook worden ingezaaid met een zaadmengsel van lisdodde en riet. Vanuit een vliegtuig zou dat te ongecontroleerd gebeuren. We hebben daarom een hovercraft ingezet, waarvan de propellerwind het zaad verspreidde.”

Na het bouwen van de eilanden, het opspuiten van een 2,5 kilometer lang strand en het aanbrengen van zandhopen die zich spontaan moeten ontwikkelen tot duinen, zit de grootste klus voor Boskalis er voorlopig op. De projectmanager kijkt terug op een bijzondere periode. “Normaal zijn we gewend om op de centimeter nauwkeurig te werken, maar hier moet vooral de natuur het werk doen. Dat was toch een andere mindset voor ons.”

‘Normaal zijn we gewend om op de centimeter nauwkeurig te werken, hier moet vooral de natuur het werk doen’

Op 8 september werden de eilanden officieel overgedragen aan Natuurmonumenten, de eigenaar die nu het beheer ervan op zich neemt. Uiteraard hoopt Boskalis ook de overige eilanden van de toekomstige archipel die Natuurmonumenten voor ogen heeft, te mogen aanleggen. Nu gaat het vooral om afrondende werkzaamheden.

“Maar er loopt ook nog een bijzonder experiment”, merkt Van der Klooster op. “Er dwarrelt heel veel slib in het Markermeer. In tegenstelling tot het aanpalende IJsselmeer is het extreem troebel door het slib, wat goed is te zien op luchtfoto’s. Eind vorig jaar hebben we vlakbij de eilanden in de bodem van het meer met de Edax een geul van 1500 meter lang, 20 meter diep en circa 60 meter breed gegraven. De bedoeling is dat deze door wind en stroming wordt gevuld met slib, waarmee we vervolgens aparte compartimenten op het eiland gaan vullen. We willen kijken of we dat papperig goedje kunnen laten indikken, om het ooit te gebruiken voor de opbouw van toekomstige eilanden. Ook dat zou uniek zijn.”

Aanmelden nieuwsbrief

Meld je nu aan voor de nieuwsbrief en blijf op de hoogte van het laatste nieuws van Maritiem Nederland.

Abonneer je nu!

Bestel nu GRATIS 2 proefnummers

Bent u nog niet bekend met Maritiem Nederland? Vraag dan hier uw proefabonnement aan!

Bestel nu GRATIS 2 proefnummers

Word ook abonnee!

Neem nu een abonnement en ontvang elke maand hèt vakblad voor de maritieme sector op de deurmat.

Sluit nu een abonnement af

Partners Maritiem Nederland