Techniek&innovatie

Padmos bouwt voor visserscoöperatie Scopale in Boulogne sur Mer


Samenwerken essentieel bij bouw nieuwe Franse kotters

Auteur: Erik van Huizen | Publicatiedatum:

“Samenwerken is nodig om van een schip een Padmos schip te maken. Alleen zo kunnen wij topkwaliteit blijven bieden.” Aan het woord is projectleider Walter van Harberden van scheepswerf Padmos. In Stellendam ligt de tweede kotter die de werf gaat leveren aan een Franse visserscoöperatie voor de wal. De eerste is inmiddels afgeleverd, de derde ligt in het droogdok van de werf.

De drie nieuwe kotters zijn bestemd voor de coöperatie Scopale in Boulogne sur Mer aan de Franse Opaalkust. De schepen zijn een duidelijke afgeleide van het ontwerp van de innovatieve kotter MDV1 Immanuel. Voor dit schip kreeg Padmos vorig jaar op het Maritime Awards Gala de Schip van het Jaar prijs van de Koninklijke Nederlandse Vereniging van Technici op Scheepvaartgebied (KNVTS). Dit duurzame schip kreeg onder meer een speciale brandstof besparende rompvorm, dieselelektrische voortstuwing en warmteterugwinning.

De Franse kotters krijgen traditionele voorstuwing. In de machinekamer staat daarvoor een Mitsubishi hoofdmotor met een vermogen van 360 kW. Het hydraulische systeem aan boord is volgens Van Harberden ‘behoorlijk complex’. “Het stuurt ongeveer 12 hydraulische verbruikers aan, zoals onder meer de zes lieren en de drie netrollen. De lieren hebben we zelf gemaakt in onze vestiging in Bruinisse.” 

Kleiner en buikiger

Grootste verschil met de MDV1 Immanuel is echter de lengte van de nieuwe kotters. De MDV1 Immanuel was met een lengte van 30 meter gebouwd voor de Nederlandse markt, het Franse trio krijgt een lengte van 19,2 meter. “De Fransen wilden aanvankelijk een bootje van 16 tot 18 meter, maar dat bleek niet te lukken”, vertelt Van Harberden. “Er is zoveel techniek op het schip dat we het er allemaal niet in kregen. Het is wat dat betreft echt een klein duizendpootje.”

 

‘Er is zoveel techniek op het schip dat je kan spreken van een klein duizendpootje’

 

Voor het ontwerp van de romp van de Franse kotters ging Padmos opnieuw naar het MARIN. “De romp is uiteindelijk buikiger geworden dan de MDV1, maar het is wel gelukt er een behoorlijk economische romp van te maken. Het brandstofverbruik is gunstig en we voldoen aan de strenge eisen die de Fransen aan de stabiliteit stellen. Deze kotter heeft een prettig zeegaand gedrag wat het comfort van de visserman ten goede komt. Dat vond ook de oude visserman die meevoer met de eerste kotter die we hebben opgeleverd. Hij was in eerste instantie behoorlijk sceptisch over het ontwerp van deze kotter, maar hij bleek later laaiend enthousiast. Hij vond dat het schip echt was gebouwd voor de zee. Een groter compliment kan je toch niet krijgen.”

 Brexit en pulskor

De drie kotters zijn geschikt voor meerdere soorten visserij, waaronder vissen volgens de Flyshoot techniek. Hiervoor staan op achterdek twee grote lieren met 2500 meter aan touw. De Flyshoot techniek kost weinig brandstof, zorgt voor weinig beroering van de bodem en doordat de vis korte tijd in het net zit, voor een goede kwaliteit van de vis. “We hebben al een aantal bestaande trawlers omgebouwd en deze geschikt gemaakt voor deze techniek. En die weg leidt uiteindelijk nu dus ook naar deze nieuwbouw. Van deze drie Franse kotters hebben we er dus inmiddels één opgeleverd, de tweede volgt over zes weken en de derde in december. Daarna hopen we op vervolgopdrachten voor nog meer van deze schepen.”

Dat de MDV1 Immanuel de nieuwbouw in de visserij een boost heeft gegeven, is volgens Van Harberden nog niet het geval. In Nederland wachten de vissers voordat ze gaan investeren voorlopig nog op de gevolgen van de Brexit en de vergunningen voor de pulskorvisserij. “Vooral de pulskor wordt bepalend voor de investeringen. Het zou kunnen zorgen voor een flinke toename van de nieuwbouw in de visserij.”

Dertig jaar samenwerken

De casco’s voor de drie kotters werden op verzoek van de klant op een Franse werf in Dieppe gebouwd. Het snijpakket kwam wel uit Nederland, van Centraalstaal (CIG) in Groningen. De installatie voor het verwerken van de vangst kwam van VCU van Urk. “De gevangen vis komt hiervoor binnen in een RVS bak, gaat via een band omhoog en glijdt vervolgens via een RVS koker naar voren richting de sorteerband. Daarna wordt de vis schoon gespoeld in een spoelmachine en naar het visruim getransporteerd. In het visruim is ruimte voor ongeveer 900 kisten vis. Hier staan ook de weegschaal en de machine om de bonnen te printen. Alles is volgens de HACCP eisen uitgevoerd.

Promac uit Zaltbommel leverde de koelmachine voor het koelen van de vis en de ijsmachine voor het aan boord kunnen maken van ijs. Familiebedrijf Hora uit Leusden leverde de scheepsramen voor de kotters. C-Jobs Naval Architects assisteerde Padmos bij het tekenwerk voor de drie schepen, Wetec uit Stellendam verzorgde de elektrische installatie.

IJtama, eveneens uit Stellendam, was verantwoordelijk voor de scheepsbetimmering. “Als scheepstimmerbedrijf zijn wij gespecialiseerd in het betimmeren van visserijschepen, houten scheepsdekken, visruimen en verdere beroepsvaart zoals sleepboten en binnenvaart”, vertelt directeur Mark IJzelenberg. “Met Padmos werken we al meer dan dertig jaar nauw samen. Daardoor weten we wat we aan elkaar hebben. Voor de drie kotters verzorgden we onder meer de complete isolatie, de betimmering, de kunststof vloeren in de visruimen en de stoffering. Het meest bijzondere aan dit project waren de verschillende betimmeringen in zo’n kleine ruimte.”

De Rose de Cascia was de eerste van drie kotters die de werf leverde (foto: Padmos)

Onderwerpen
Deel deze pagina
Betabanen

Maritiem Nederland

Welkom op de site van Maritiem Nederland, hét opinie- en vakblad voor de gehele maritieme sector in Nederland.

Editie MN 09-2018

Partners Maritiem Nederland