'NML focust zich op gezamenlijke uitdagingen'

Arie Kraaijeveld

Auteur: Jan Spoelstra | Publicatiedatum:

Als twee Nederlanders elkaar in de rimboe tegenkomen en een aantal uur gezamenlijk optrekken, dan zullen ze volgens Arie Kraaijeveld bij wijze van spreken een notaris op willen zoeken, om samen een vereniging op te richten. “Nederland is gezegend met vele verenigingen, maar hoe werk je handig samen?”

“Ik ben niet als oude wijze uil opgetrommeld om tegen brancheverenigingen te zeggen dat ze moeten gaan fuseren, maar ik stel hen de vraag: ziet het branchelandschap er over tien jaar nog hetzelfde uit?” Voor een deel is dat volgens Arie Kraaijeveld, sinds december 2011 voorzitter van Stichting Nederland Maritiem Land, niet het geval. Zo zijn er in Nederland veel binnenvaartorganisaties, waar het nodige achterstallig onderhoud moet plaatsvinden als het gaat om collectieve belangbehartiging. Als oud-voorzitter van FME heeft Kraaijeveld de nodige ervaring wanneer het gaat om het samenbrengen van kleinere brancheverenigingen.
Voor een ander deel zal er altijd behoefte blijven aan het dozijn brancheverenigingen in het maritieme cluster. Kraaijeveld: “De Nederlandse havens of de marine hebben bijvoorbeeld andere onderwerpen voor de politieke agenda dan de offshore industrie. Als Stichting NML moeten wij brancheverenigingen samenbrengen wanneer het gaat om onderwerpen die voor hen gezamenlijk van belang zijn, zodat ze samen kunnen optrekken bij belangenbehartiging.”
De overheidssubsidie van Stichting NML wordt momenteel afgebouwd en valt in 2013 weg. Maar na een kleine rondvraag kwam maritiem consultant Martin Bloem (oud-directeur Scheepsbouw Nederland) erachter dat het bedrijfsleven wel degelijk belang hecht aan Stichting NML, en graag wil dat het in een nieuwe vorm doorgaat.

 

Oud en nieuw
De stichting werd vanaf 1998 gefinancierd vanuit de overheid en vanuit twaalf brancheverenigingen. Elk van die verenigingen leverde een bestuurslid uit het maritieme bedrijfsleven. Brancheverenigingen waren daar niet altijd even blij mee. Ze betaalden wel, maar hadden geen bestuurszetel. In NML nieuwe stijl moet dat veranderen.
Martin Bloem heeft een tijd lang de taak van interim secretaris op zich genomen. Het toenmalige bestuur benaderde Kraaijeveld in september 2011 voor het voorzitterschap. Toen lagen er twee gegevens op tafel. Ten eerste vertrokken Henk Janssens (oud-secretaris) en Niko Wijnolst (oud-voorzitter). Daarnaast bestond er wel de behoefte vanuit het bedrijfsleven en vanuit de brancheverenigingen om door te gaan met NML. Ondertussen krijgt NML vanaf 2014 geen subsidie meer van het ministerie van I&M. Zowel de bestuursstructuur als de manier van financiering moest veranderen.

Vanaf nu gaat de blik vooruit in dit vraaggesprek met Arie Kraaijeveld. Hij wrijft zich in zijn handen, kijkt naar buiten en ziet hoe een binnenvaart containerschip stroomopwaarts de bocht vlak na de Willemsbrug neemt. Vanuit het nieuwe kantoor aan de Boompjes in Rotterdam is er een prachtig uitzicht op de Maas. “Een erg goede ontwikkeling dat een aantal belangrijke brancheverenigingen, waaronder Scheepsbouw Nederland, de KVNR en Stichting NML, zo dicht bij elkaar zijn gehuisvest.”

 

Truc
Hoe ziet NML nieuwe stijl eruit? Kraaijeveld: “We hebben gezegd: alle brancheverenigingen doen mee. Ze krijgen alle twaalf een bestuurszetel en alle twaalf betalen ze mee aan het bureau. Daarnaast proberen we ook twaalf bedrijven in het bestuur te krijgen. Ook die betalen mee aan de stichting en krijgen een zetel in het bestuur. Samen met mij zitten er dan 25 mensen in het algemeen bestuur.”
Het is zonder meer een unieke constructie met zoveel bestuursleden, participanten en financiers. Op de vraag of dit niet een ontzettend log apparaat wordt, dat besluiteloos rond gaat dobberen, reageert Kraaijeveld ontkennend: “Eind vorig jaar zijn we met de oude NML statuten, en onze nieuwe ideeën naar de notaris gestapt. Hij kwam met een voorstel voor nieuwe statuten. Die hebben we in januari besproken met alle participanten en daar is inmiddels een klap op gegeven.”
Kraaijeveld legt verder uit dat er een klein dagelijks bestuur onder het algemeen bestuur hangt. Daarin zitten naast voorzitter Kraaijeveld, penningmeester Tessa Menssen (cfo Havenbedrijf Rotterdam), Goof Hamers (topman IHC), Bas Buchner (directeur MARIN) en vicevoorzitter Tineke Netelenbos (voorzitter KVNR). Kraaijeveld: “De truc is nu om dat dagelijkse bestuur zo veel mogelijk bevoegdheden te geven. We komen vaak bijeen, bereiden nieuwe voorstellen gedegen voor, zodat het algemeen bestuur er alleen maar ja tegen hoeft te zeggen.”

 

Postzegels
Kraaijeveld studeerde scheikunde in Amsterdam, een studie met veel onderzoek. Naar eigen zeggen is hij meer een manager. Maar hij heeft wel degelijk affiniteit met schepen, waterbouw en havens. Hij groeide op in IJmuiden, omdat zijn vader na de oorlog werkte aan het opnieuw bevaarbaar maken van het Noordzeekanaal. “Ik voetbalde als tienjarig jochie tussen de sluizen van IJmuiden. Als er dan een schip voorbijkomt, keken we wat de vlaggenstaat was en thuisgekomen raadpleegden we de atlas. Zo ging dat vroeger, in plaats van de digitale wereld waar de huidige jeugd veel in ronddoolt.”
Thuis heeft Arie Kraaijeveld nog een postzegelverzameling uit die tijd. “Vanaf de wal gooiden we blikjes door de patrijspoorten van schepen. Bemanningsleden deden daar dan zeldzame postzegels van verre bestemmingen voor ons in. Die ruilden we dan met vrienden. Een mooie tijd.”
Ook sprak de grote zeesluis bij IJmuiden enorm bij hem tot de verbeelding. De sluis heeft twee schuifdeuren. Deze rollen op lorries met treinwielen over een rails. Iedere vijftien jaar moet die rails vervangen worden. “Ze schoven er dan een soort luciferdoos overheen en pompten de schacht waarin de schuifdeur verdwijnt droog. Mijn vader werkte hieraan mee en nam me mee op locatie, vijftien meter onder de waterspiegel tussen al die techniek. Dat was voor mij erg indrukwekkend.”

 

Vestigingsklimaat
Juist de productie van dit soort grote tastbare stukken technologie is voor de economie van een land erg belangrijk. De scheepsbouw is daar een goed voorbeeld van, en juist in tijden dat het economische tij in Europa tegenzit, komt het goed van pas dat veel van die eindproducten naar buiten de EU geëxporteerd worden. “Maar”, vult Kraaijeveld aan, “vergeet daarbij niet alle producten van toeleveranciers die indirect naar buiten de EU geëxporteerd worden. Nedschroef uit Helmond profiteert bijvoorbeeld enorm van de Duitse auto-industrie. Zij leveren alle moeren en bouten waarmee wielen van audi’s, BMW’s en Mercedessen worden vastgezet. Auto’s die de hele wereld over gaan - ook naar de rijke Chinezen in hun opkomende economie.”
Volgens de nieuwe voorzitter van Stichting Nederland Maritiem Land is het dus van groot belang om die productie van technisch hoogwaardige producten in eigen land te houden, om een goed vestigingsklimaat te creëren voor wereldwijd opererende bedrijven. “Eén van de vier councils binnen NML waar ik mij vooral op ga richten, gaat zich bezighouden met het in stand houden en het verbeteren van een goed vestigingsklimaat.”
Een volgende council, getrokken door André Vink (directeur HISWA) houdt zich bezig met promotie en imago van de sector als geheel. Bas Buchner (directeur MARIN) trekt de kar binnen de innovatie council. In het maritieme cluster heersen enkele gezamenlijke kennisvragen, dezelfde vraagstukken die bij verschillende bedrijven liggen. Die zouden uit de competitieve sfeer getrokken moeten worden. Tot slot voert Mieke Bos (directeur Scheepsbouw Nederland) de human capital council aan. Kraaijeveld: “NML focust zich dus voornamelijk op gezamenlijke problemen en uitdagingen in het maritieme cluster. Wij zijn een operationeel machientje dat branches en bedrijven samenbrengt, zodat ze op een aantal onderwerpen gezamenlijk op kunnen trekken.” Grote bedrijven kunnen participeren en plaatsnemen in het bestuur en brancheverenigingen vertegenwoordigen de kleinere spelers.

 

Ambities
“Eigenlijk was ik aan het afbouwen”, besluit Kraaijeveld wanneer we vragen wat zijn ambities voor de komende twee jaar zijn, “maar doordat het stagneerde bij NML, ik de juiste mensen binnen de verenigingswereld ken en er in het bedrijfsleven de behoefte aan deze clusterorganisatie is, heb ik besloten dit voorzitterschap op mij te nemen. Dit is het laatste voorzitterschap dat ik accepteer. Over twee jaar hoop ik dat men zegt: toch goed dat die Kraaijeveld de kar nog even heeft willen trekken.”

‹ VorigeVolgende ›

Deel deze pagina
Maritiem Nederland

Welkom op de site van Maritiem Nederland, hét opinie- en vakblad voor de gehele maritieme sector in Nederland.

Editie MN 06-2018

Word abonnee!

Neem nu een abonnement en ontvang elke maand hèt vakblad voor de maritieme sector op de deurmat.

Bestel nu GRATIS 2 proefnummers

Sluit nu een abonnement af!

Volg ons op Twitter

Partners Maritiem Nederland