Carrière
De 'Procyon' is het derde grote loodsvaartuig dat Barkmeijer heeft gebouwd voor het Loodswezen. Foto: Flying Focus

Scheepswerf Barkmeijer Stroobos bouwt haar grootste schip ooit


‘We zijn altijd bezig met nieuwe orders’

Branche: Scheepsbouw | Auteur: Jan Spoelstra | Publicatiedatum:

Het op 6 februari te water gelaten drogeladingschip ‘Marietje Nora’ voor de familie Danser en Wagenborg is het grootste schip dat Barkmeijer Shipyards ooit bouwde. Van het volgende schip dat nu in aanbouw is moeten de secties via de Waddenzee en Noordzee naar Delfzijl, om daar afgebouwd te worden door Niestern Sander. Barkmeijer ziet de vraag naar grotere schepen toenemen en is daarom op zoek naar een nieuwe buitendijkse locatie.

Achter in de auto staat een scheepsmodel van de ‘UKD Orca’ (78x15,85 meter), een sleephopperzuiger die Barkmeijer Shipyards bouwde voor UK Dredging in Cardiff, Wales en die kort na de oplevering in 2010 startte met onderhoudsbaggerwerkzaamheden rondom het Verenigd Koninkrijk. “Ik was gisteren op een symposium bij de Noordelijke Hogeschool Leeuwarden, om Barkmeijer als werf en werkgever onder de aandacht te brengen bij de maritieme studenten van de NHL”, aldus Hans Veraart, commercieel directeur van Barkmeijer.

Barkmeijer leverde de UKD Orca in 2010 op en het schip heeft de werf geen windeieren gelegd. “Vooral de ervaring die we nu hebben met dieselelektrische voortstuwing aan boord van dit formaat schepen, heeft ervoor gezorgd dat we in 2010 de grote order voor drie stationsschepen voor het Loodswezen hebben binnengehaald.”

Specifiek ontwerp

Veraart licht toe waarom een werf die op 68 kilometer van het IJsselmeer ligt, toch zulke prestigieuze orders voor zeeschepen binnen weet te halen. “Het loodswezen wilde dieselelektrische schepen, comfortabel voor de bemanning en van waar je ook in zwaar weer makkelijk kunt overstappen op kleinere loodstenders. We leven ons in in de wereld van de klant en komen met een heel concreet en specifiek ontwerp aan, waar alle wensen van de klant in terugkomen.” Inmiddels laten de pilot station vessels volgens Veraart de golven als een zwaantje onder zichzelf doorglijden.

‘We leven ons in in de wereld van de klant en komen met een heel concreet en specifiek ontwerp aan, waar alle wensen van de klant in terugkomen’

Op 6 februari werd de Marietje Nora (136x15,20 meter) te water gelaten. Het betreft het laatste schip uit een serie van vier drogeladingschepen die Barkmeijer bouwt voor de familie Danser en Wagenborg uit Delfzijl. Ten tijde van ons bezoek aan de werf liggen de tewaterlatingsbalken waar het schip straks over in het water zal glijden op de kade.

Het is het grootste schip dat Barkmeijer ooit in Stroobos bouwde. “In 2007 plaatste Wagenborg deze order en in 2010 leverden wij het derde schip op. Toen de crisis toesloeg, had Wagenborg niet direct behoefte aan extra capaciteit, terwijl wij net die order voor drie stationsschepen voor het Loodswezen binnen hadden gehaald. Die schepen moesten er snel komen, want het Loodswezen wilde zijn M-klasse schepen snel vervangen.” Volgens Veraart was hier sprake van een win-winsituatie. “De werf kon de schepen voor het Loodswezen bouwen, en Wagenborg kon deze investering voor zich uit schuiven.”

Het ontwerp is wel aangepast: de door Conoship ontworpen Marietje Nora is 10 meter langer dan de andere drie schepen en heeft een laadvermogen van 9.000 ton in plaats van 8.300 ton. Het schip heeft slanke lijnen in het achterschip, waarbij Conoship ervoor heeft gezorgd dat de schroef ook bij lage snelheden voldoende water krijgt. Het schip heeft een straalbuis waardoor het ook bij lage snelheid efficiënt kan varen en voldoende kracht kan leveren, wat nodig is in verband met het vaargebied van de vier Marietjes. In de winter zijn zij te vinden in de ‘Baltic’ waar veel ijsgang is.

Het dekhuis van de Marietje Nora staat op de kade. Het gehele schip wordt in Harlingen afgebouwd en zal naar verwachting in juni worden opgeleverd.

Mooi laswerk

Momenteel bouwen de 65 werknemers die in de productie werken aan een dieselelektrisch baggerschip voor een Nederlandse klant. Meer wil Barkmeijer er nu niet over zeggen. Veraart leidt ons wel rond over de werkplaats. “Dit is het oudste deel van de werf, we zitten hier al 165 jaar.” Aan werkbanken worden luikjes, bolders en hekwerken gemaakt. “Allemaal mooi laswerk, dat onder de hand kan gebeuren.” Een van de werknemers tikt tegen het raam: “Dat Skûtsje dat daar ligt is hier honderd jaar geleden gebouwd. Onlangs hebben we dat gevierd, prachtig dat dat stukje historie hier nog ligt.”

De Marietje Deborah, het tweede schip uit de reeks drogeladingschepen van Barkmeijer, ging in 2011 te water.Verder werken er 25 mensen op kantoor in de logistieke en administratieve ondersteuning of in de projectleiding. “Veel energie op kantoor wordt gestoken in het verkrijgen van nieuwe orders. Daar zijn we altijd mee bezig. Als we een nieuwe opdracht hebben gecontracteerd dan zijn we natuurlijk blij maar we denken al snel aan de periode daarna. Het baggerschip wordt in januari 2016 opgeleverd, we zijn dan ruim achttien maanden met de voorbereiding, bouw en oplevering bezig geweest. Het verkopen van dit soort kapitaalintensieve projecten vergt veel tijd en geduld.” Veraart licht toe dat dat spannende trajecten zijn. “We zijn momenteel aan het rondspelen rond de zestien meter, dan het juiste moment kiezen om een voorzet te geven en binnen te koppen.”

Scheepsbouw is een zeer belangrijke activiteit voor de regio, het biedt bij Barkmeijer werk aan zo’n negentig mensen, maar indirect hebben wel 200 tot 250 mensen in de regio meegebouwd aan het schip dat klaar ligt om zijwaarts het Prinses Margrietkanaal in te glijden. Veraart drukt zich nogmaals uit in sporttermen: “Het is alles of niets. Goud betekent twee jaar werk voor de werf, met zilver heb je niets.”

Spaanse werf

Vorig jaar kreeg Barkmeijer te maken met zilver. De werf had veel werk gestoken in een ontwerp voor een nieuw te bouwen veerboot voor de dienst tussen Den Helder en Texel. De klus ging volgens de TESO naar een Spaanse werf omdat deze een goede prijs-kwaliteitverhouding zou bieden, maar volgens het FD was Spanje gewoon 4 miljoen euro goedkoper. Ook IHC zag onlangs twee nieuw te bouwen sleephopperzuigers voor Van Oord naar dezelfde LaNaval werf gaan.

“We hebben, en dat geldt niet alleen voor Barkmeijer maar voor onze gehele Nederlandse scheepsbouwindustrie, in het verleden veel orders naar Spaanse werven zien gaan”, aldus Veraart, die daar een naar gevoel aan overhoudt. In het verleden had Spanje de Tax Lease constructies. Die zijn inmiddels verboden, maar ondertussen is er de Tax Lease 2 constructie, waar ook andere EU-landen gebruik van kunnen maken. Veraart: “Ik heb nog niet gezien dat dat werkt.” Overigens wordt nergens bevestigd dat schepen voor Van Oord of de TESO met staatssteun gebouwd worden, zowel Van Oord als TESO hebben het FD medegedeeld daar geen weet van te hebben.

Loodstenders

Achter de IKEA in Groningen, in een vroegere busstalling van Arriva, bouwt Barkmeijer momenteel nog aan twee aluminium loodstenders, kleine snelle boten van waaruit loodsen aan boord van zeeschepen gezet moeten worden. Die moeten dit jaar en volgend jaar opgeleverd worden. Inmiddels hebben we al vijf van die boten geleverd: drie van aluminium, twee van staal”, aldus Veraart.

Het zijn boten met een V-vormige rompvorm. Het vergt veel ervaring en zeemanschap om met deze schepen met golfhoogtes van ruim 2 meter te varen op zee en een loods veilig af te zetten op of op te halen van een zeeschip. Deze tenders maken soms 150 gecontroleerde ‘aanvaringen’ per dag.

De stalen tender 'Hydra' is speciaal ontworpen om door drijvend ijs te kunnen varen.De twee stalen boten hebben door het extra gewicht een beter zeegangsgedrag. Deze varen in het Eemshavengebied en op de Waddenzee, vaargebieden waar tijdens strenge winters slush ijs drijft. De boten zijn een fraai voorbeeld van specifieke wensen van de klant, naar aanleiding van het operationele profiel van de boten en waar Barkmeijer volgens Veraart nauwkeurig rekening mee heeft gehouden: “Vanwege het slush ijs hebben we de twee stalen boten niet uitgerust met waterjets - die kunnen namelijk verstopt raken - maar met gewone schroeven. Ook kan het koelsysteem door de ijsblokjes in het slush ijs verstopt raken, en daarvoor wordt het inkomende koelwater voor het de motor ingaat eerst opgewarmd met water dat via het uitlaatsysteem is opgewarmd.”

Van het momenteel in aanbouw zijnde 21 meter brede baggerschip bouwt Barkmeijer de secties in Stroobos. Het schip wordt afgebouwd bij Niestern Sander in Delfzijl. Een sectie van het voorschip en een van het achterschip gaan binnendoor via Zuidhorn, Aduard en Dorkwerd. Maar de tafelbruggen op de route hebben een maximale hoogte van 6,8 meter en daardoor moeten de overige negentien ringsecties op pontons via de Waddenzee en Noordzee omvaren.

Stukje romantiek

Om in de toekomst ook zelf dit soort grote schepen in zijn geheel af te bouwen, is Barkmeijer zich momenteel aan het oriënteren op een buitendijkse locatie. Veraart: “We hebben wel eens overwogen om in het buitenland te gaan bouwen vanwege de lagere productiekosten, maar scheepsbouw is ook een stukje romantiek en onze klanten willen dat we hun schip gewoon op onze werf bouwen. Bovendien kunnen we nu beter toezicht houden op de bouw, vooral bij complexere schepen.” De werf oriënteert zich nu, samen met collegawerven, op een buitendijkse locatie in Harlingen of de Eemshaven. De commercieel directeur van Barkmeijer Shipyards besluit: “Mocht er voor die tijd een order voor een groot schip onze kant op drijven, dan lossen we dat hier in Noord-Nederland gewoon op.”

Onderwerpen
Deel deze pagina

Probeer TW

Geïnteresseerd in techniek? Kies dan voor Technisch Weekblad (TW)

TW biedt technici het laatste nieuws, achtergronden en opinie op het gebied van techniek en innovatie. TW lees je in print en altijd en overal online op je pc, tablet of smartphone. Voor studenten en starters onder de 35 jaar met een technische opleiding, is TW helemaal gratis! 

Naar de website van TW voor het laatste nieuws

Meer informatie over een abonnement

Betabanen

Partners Maritiem Nederland