Achtergrond
Zr. Ms. Walrus

Vurig pleidooi voor nieuwe onderzeeboten

Branche: Marine | Auteur: Paul Steenhoff | Publicatiedatum:

Op maandag 15 februari organiseerde de Atlantische Commissie in samenwerking met Gezamenlijke Officierenverenigingen een publieksbijeenkomst onder de naam ‘Onbekend maakt onbemind? Nut en noodzaak van de Nederlandse Onderzeedienst in de wereld’. Een verslag vanuit Perscentrum Nieuwspoort in Den Haag.

Piet de Jong (100) is niet alleen een Nederlands oud-politicus. Voorafgaand aan zijn politieke carrière - zo was hij minister-president van Nederland van 1967 tot 1971 - vocht hij als onderzeebootcommandant in de Tweede Wereldoorlog. Hij is nu de oudste nog levende onderzeebootcommandant in Nederland. Vanwege zijn hoge leeftijd was hij niet aanwezig bij de bijeenkomst op 15 februari, maar werd er een videoboodschap getoond. Over het belang van onderzeeboten voor Nederland zegt hij: “Het belang van een land ligt voor een groot deel op zee.”

Daarmee vat hij de boodschap samen die vanavond breed wordt geventileerd én gedragen: de Tweede Kamer moet snel groen licht geven willen we in 2025 beschikken over vier nieuwe onderzeeboten. Geen bezuinigingen meer, maar investeren in de Koninklijke Marine, te beginnen met de onderzeeboten. De bijeenkomst heeft dan ook als doel onder andere politici meer informatie te verschaffen over het werk van de Onderzeedienst en daarmee het nut en de noodzaak van onderzeeboten te onderstrepen.

Ultieme wapen

Kapitein-ter-zee Niels Woudstra van de faculteit Militaire Wetenschappen van de Nederlandse Defensie Academie trapt af en benadrukt in zijn betoog de ‘Freedom of navigation’ waarmee de oceanen en zeeën van de wereld voor iedere natie vrij zijn. Vooral het openhouden van de handelsroutes naar onder andere China is van vitaal belang voor Nederland en onderzeeboten zijn het ultieme wapen om te zorgen dat dit ook zo blijft volgens Woudstra.

‘Onze onderzeeboten stammen uit de tijd dat we trots rondliepen met een Sony walkman’

De volgende spreker is Groepsoudste Onderzeedienst kapitein-ter-zee Hugo Ammerlaan. Hij laat in zijn verhaal het succes van de Walrusklasse nog eens de revue passeren, waarbij hij onder andere refereert aan het succes van de onderzeese blokkade van de havenstad Split ten tijde van de oorlog tussen Kroatië en Servië. Ammerlaan: “De Walrusklasse is geschikt voor ondiepere wateren waardoor we dicht onder de vijandige kust inlichtingen kunnen verzamelen en de kust kunnen verkennen. Tijdens speciale operaties kunnen we commando’s of mariniers op vijandig gebied afzetten. Verder kan een Walrus onderzeeër langdurig operaties uitvoeren ver van een thuisbasis, zelfstandig of als onderdeel van een marine-eskader. Vrijwel alle onderzeeboten van onze NAVO-bondgenoten kunnen dat laatste niet. Als laatste kunnen we natuurlijk vijandige oppervlakteschepen en onderzeeboten met onze torpedo’s uitschakelen.”

Gemoderniseerd

De vier dieselelektrische onderzeeboten van de Walrusklasse bereiken rond 2025 het einde van de levensduur. De vier werden tussen 1990 en 1994 in dienst genomen. Om de boten up-to-date te houden, worden ze sinds 2013 gemoderniseerd met het Instandhoudingsprogramma Walrusklasse (IPW). De renovatie en modificatie van de ‘Zr. Ms. Zeeleeuw’ (bouwjaar 1990) is net afgerond waarbij nieuwe sensoren, wapens en commandosystemen werden geplaatst en asbest werd verwijderd. Verder heeft de navigatieperiscoop het veld moeten ruimen voor een zogenoemde optronische mast die een televisiecamera bevat met een hoogwaardige warmtegevoelige sensor. Nu kunnen meer mensen gelijktijdig het beeld boven water bestuderen terwijl de mast alweer onder water is.

Maar rond 2025 houdt het ook voor de gemoderniseerde boten op en moeten er nieuwe komen. “Onze onderzeeboten stammen uit de tijd dat we trots rondliepen met een Sony walkman. Zo oud zijn deze boten al”, memoreert Ammerlaan.

Minister Hennis-Plasschaert heeft al in een brief aan de Tweede Kamer geschreven dat het van groot belang is dat Nederland onderzeeboten kan blijven inzetten. Maar onderzeeërs zijn duur. Geschat wordt dat de schepen 800 miljoen euro per stuk gaan kosten en bij sommige politici leeft de Walrusaffaire nog immer. Minister Hennis-Plasschaert gaat er nu van uit dat in 2018 een besluit kan worden genomen over de aanschaf van nieuwe onderzeeboten.

Onderwaterdrone

Het inzetprofiel van de nieuwe onderzeeboten zal hetzelfde zijn als van de huidige Walrusklasse, waarbij het vergaren van informatie steeds belangrijker wordt. Natuurlijk zullen er zaken drastisch veranderen. Zo moet de onderzeeboot ook Unmanned Underwater Vehicles (UUV’s) kunnen meenemen en inzetten. Een UUV kan worden gezien als een onderwaterdrone die bijvoorbeeld mijnen kan vernietigen. Ammerlaan: “De nieuwe onderzeeër moet een logische evolutie zijn van de Walrusklasse, dus toekomstbestendig en nóg stiller. Die signatuurreductie zoals wij dat noemen, kun je bereiken door minder te snuiven waarbij ons vermogen tot Air Independent Propulsion dus moet worden vergroot.”

Ook ziet Ammerlaan graag meer verschillende wapensystemen aan boord. “Op dit moment kunnen we weinig tot niets doen tegen een helikopter die boven ons gaat hangen.” Ammerlaan wil verder de capaciteit om special forces in te zetten verbeteren in de toekomstige klasse.

Het bouwen ziet hij niet als een probleem. Hij is van mening dat de Nederlandse maritieme industrie en Defensie ruim voldoende kennis hebben om nieuwe onderzeeërs te kunnen bouwen.

Ruilmiddel

Sergei Boeke van het International Centre for Counter Terrorism had het laatste woord. De titel van zijn presentatie luidde: ‘Het belang van heimelijke inlichtingenvergaring’. Boeke: “Het verzamelen van informatie is een continu proces om de vrede te bewaren waarbij slechts één wet geldt: don’t get caught. Een onderzeeboot is een zelfstandig informatieplatform dat met bijvoorbeeld akoestische sensoren geluiden kan opvangen, net zoals radioverkeer, radarsignalen en visuele informatie. Het vergaren van die ruwe informatie is de belangrijkste taak van een onderzeeboot. Die informatie kun je ruilen met partijen die daar belang bij hebben. Het is een ruilmiddel.”

In de korte zaaldiscussie die het laatste onderdeel van de middag vormde, legde Ammerlaan onder andere uit waarom onderzeeboten een bepaalde grootte moeten hebben om vrijwel overal ter wereld ingezet te kunnen worden: “Naarmate het zoutgehalte van het water stijgt, moet je voldoende ballastwater kunnen innemen om geheel onder water te kunnen verdwijnen. Ben je te klein, dan lukt dat simpelweg niet. Het is het belangrijk dat de toekomstige boten geschikt blijven om in zowel zeer zout water als ook in relatief zoet zeewater te kunnen blijven opereren. Het gaat om de flexibiliteit.”

Moderator Jeroen de Jonge van TNO vatte de hoofdpunten van de middag krachtig samen: “Een onderzeeboot is geen luxe product, is onmisbaar en het huidige defensiebudget is te krap.”

Onderwerpen
Deel deze pagina

Partners Maritiem Nederland