Achtergrond

EFSA wil zorgen voor middelen die transitie versnellen


‘Uitstootvrije scheepvaart: wij kunnen het doen’

Branche: Zeevaart | Auteur: Hans Buitelaar | Publicatiedatum:

“Het is aan onze generatie om scheepvaart zonder schadelijke uitlaatgassen te realiseren.” Daarom richtten Sieger Sakko en David Anink samen de Emission Free Shipping Association op. Ze willen voorlopers in de schone transitie van de scheepvaart verenigen en zich sterk maken voor beleid dat de transitie naar nul CO2 ondersteunt.

Sakko en Anink signaleren een verandering binnen het bedrijfsleven. “Reders en eigenaren van vracht willen graag de uitstoot beperken. De techniek is bovendien beschikbaar. Maar de realiteit van kleine marges, hoge investeringen die nodig zijn voor het toepassen van brandstof- en uitstoot besparende techniek, plus de hogere operationele kosten, maakt dat de overstap naar emissievrij varen moeilijk kan worden gemaakt. De reder die dit vandaag doet, lijdt verlies en zal na verloop van tijd het bedrijf moeten sluiten. Daardoor gebeurt er te weinig."

"Wat nodig is om de transitie mogelijk te maken en te versnellen zodat het doel van emissieloze varen in 2050 wordt gehaald, zijn stimuleringsmaatregelen die schone scheepvaart financieel mogelijk maken. Anders gebeurt er niets of komt de overgang naar schoon varen zo langzaam op gang dat het doel over honderd jaar nog niet wordt gehaald.”

Zeebenen

De oprichters van EFSA zijn door de wol geverfd: beiden hebben ze enkele jaren gevaren. Later werkten ze voor Scheepsbouw Nederland (tegenwoordig NMT) waarbij ze de belangen van het Nederlandse maritieme cluster vertegenwoordigden binnen de scheepvaartautoriteit IMO van de Verenigde Naties. Sakko hield zich binnen IMO bezig met technische aspecten in het MSC Committee, Anink zag bij de milieucommissie hoe regels tot stand komen over emissies en welke krachtenvelden daarin een rol spelen. Na hun werk voor de branchevereniging hebben beiden gewerkt voor een bedrijf in het maritieme cluster.

‘Het is aan onze generatie om scheepvaart zonder schadelijke uitlaatgassen te realiseren’

Beiden voelden de noodzaak om zich in te zetten voor een grotere zaak dan één bedrijf: de toekomst van de scheepvaart mede vormgeven is een streven dat beter bij hun drijfveren past. “Allebei konden we toch niet helemaal ons ei kwijt in onze vorige banen,” verwoordt Sakko. De twee NMT collega’s hielden contact toen ze beiden ergens anders werkten. “Het dossier emissievrije scheepvaart bleef ons allebei boeien. Vanuit onze kennis van de lobby bij IMO begrepen we: er moet een andere, speciale campagne worden gevoerd om de transitie te versnellen. Bovendien geloven we in de noodzaak maar vooral ook in de kans dat deze omschakeling in de scheepvaart levensvatbaar is en door veel partijen zal worden gesteund. Daarom hebben we onze banen opgezegd en zijn we in het diepe gestapt door samen een wereldwijde industrie associatie op te richten.”

Voorlopers binden

EFSA wil voorlopers in de ontwikkeling van emissievrij varen uit de hele keten en van over de hele wereld aan zich binden. Reders, motoren- en materieel leveranciers, banken, vrachteigenaren, scheepswerven, verzekeraars en logistieke dienstverleners kunnen zich aansluiten. “We willen bedrijven uit de hele maritieme keten,” benadrukt Anink. “Zo groeit het mandaat om namens de voorhoede van de wereldwijde scheepvaartindustrie te spreken bij de IMO.”

De lobbyvereniging is nog jong: opgericht per 1 januari. Doel voor 2019 is om zoveel mogelijk lidbedrijven te werven en om op basis daarvan een ‘consultative status’ te verwerven bij IMO. Internationale organisaties met een duidelijk belang voor de maritieme industrie kunnen die status krijgen. Als VN uitvoeringsorgaan heeft IMO staten als stemgerechtigde leden. Anink en Sakko weten de weg.

“Ons doel is CO²-neutrale scheepvaart in 2050. Alle partijen die daaraan willen werken kunnen zich bij ons aansluiten. Als we dat doel willen halen, moeten we vandaag beginnen aan de verandering. Het is mogelijk. Maar dan moet de transitie binnen vijf tot elf jaar wel volop op gang zijn gekomen. IMO heeft zelf als doelstelling 50 procent uitstootvermindering ten opzichte van het niveau van 2008, te halen voor 2050. Alleen al om dat te bereiken, zijn tenminste 80 procent schonere schepen nodig. De scheepvaart groeit ieder jaar met anderhalf procent. Meer scheepsbewegingen, de helft minder uitstoot in totaal. De stap naar helemaal emissievrij varen is dan niet eens zo groot meer, en wel zo logisch. Dan is het probleem van vervuiling door de scheepvaart echt opgelost. Wij willen zeker niet het aantal scheepsbewegingen verminderen of reders failliet laten gaan. We willen zorgen dat de omschakeling naar uitstootvrij varen een eerlijke kans krijgt.”

Financiële incentives

Die kans ontstaat dankzij ‘financiële incentives’ zoals de heren dat in lobbytaal uitdrukken. Het begrip dekt vele ladingen: het kan dan gaan om subsidies, belastingmaatregelen, een fonds, voordelige financieringen, korting op belastingen of andere stimulansen. Dit moet de financiële barrière tussen emissievrije schepen en schepen op stookolie wegnemen.

In IMO-vergaderingen spreken staten. De scheepvaartautoriteit kan convenanten en verdragen opstellen, die worden pas internationaal van kracht als een kritisch aantal lidstaten het convenant of verdrag heeft bekrachtigd – geratificeerd – en dan is het aan lidstaten om de uitvoering en handhaving op zich te nemen. Als een kritische hoeveelheid bedrijven bij EFSA is aangesloten en de consultatieve status bij IMO is verkregen, volgt een intensief lobbytraject. De vertegenwoordigers van al die landen moeten worden overtuigd zodat ze voor de EFSA-voorstellen stemmen. Omdat de schepen die vandaag worden gebouwd, over 25 tot 30 jaar nog vracht vervoeren, is er haast bij.

’Er moet een andere, speciale campagne worden gevoerd om de transitie te versnellen’

“Deze speciale lobby is nodig omdat de belangenbehartigers binnen de IMO meestal een compromis vertolken. Ze vertegenwoordigen een maritiem cluster dat bestaat uit veel bedrijven. Sommige daarvan willen graag moderniseren en de vervuiling beperken. Anderen zien dat niet als hun belang. De meeste delegaties vertegenwoordigen een variatie van die bedrijven samen: de achterban is gevarieerd en het standpunt een compromis. Daardoor klinkt de stem van de innovatieve bedrijven, de ‘frontrunners’, die varen zonder vervuiling mogelijk maken, onvoldoende. Wij willen als single topic lobby dat geluid laten horen op het niveau waar het gehoord moet worden.”

“Welke techniek uiteindelijk wordt gebruikt, maakt niet uit. De techniek brengen onze leden in. Welke maatregel internationaal het meest effect blijkt te hebben om ons doel van financiële compensatie te bereiken, weten we nog niet en ook dat is niet het belangrijkste. De bedrijven die lid zijn van EFSA hebben op deze gebieden kennis in te brengen en die zullen we als internationale associatie zeker gebruiken.”

Steun van ministerie

Eind januari had EFSA zes geregistreerde leden, gesprekken met tientallen andere bedrijven zijn gaande. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat steunde de EFSA met een bedrag om een kantoortje te huren. “Dat is een signaal dat de overheid er ook in gelooft.”

Voor de komende tijd staat een reis naar Azië op het programma. In Azië zit de grootste massa van maritieme industrie, hier moet EFSA vertegenwoordig worden. “We willen een internationale organisatie zijn. Dat is voor de IMO-status ook nodig. Bovendien worden verreweg de meeste schepen in Azië gebouwd, dus daar willen we een stevige basis opbouwen.”

www.emissionfreeshipping.com

Onderwerpen
Deel deze pagina

Partners Maritiem Nederland