Achtergrond

Innovatieve Living Stone begint aan eerste klus


Sneller en efficiënter kabels leggen

Auteur: Jaap Meijers | Publicatiedatum:

Met een kabelcapaciteit van meer dan 10.000 ton, een geavanceerd kabellegsysteem, ‘dual fuel’-motoren en een DP3-systeem is de ‘Living Stone’ een innovatief schip. De kabellegger is zojuist begonnen aan zijn eerste klus.

Volgens offshore-engineeringspecialist Tideway in Breda is de Living Stone het snelste en efficiëntste kabellegschip ter wereld. Het bedrijf – een dochteronderneming van de internationale bagger-, milieu- en waterbouwgroep DEME – wil het schip inzetten om diepzeestroomkabels te leggen tussen windmolens op zee en het vaste land. Het nieuwe schip kan ook rotsen plaatsen met een verticaal valpijpsysteem dat diepten van 1.000 meter kan bereiken.

De Living Stone heeft twee carrousels van elk 5.000 ton, dus bij elkaar een capaciteit van 10.000 ton. Zo kan het schip meer dan 200 kilometer kabel vervoeren en installeren in één enkele trip. Het schip is verder uitgerust met een helikopterdek en een kraan van 600 ton. Maar het grootste verschil met eerdere kabellegschepen is het geavanceerde kabellegsysteem dat Living Stone aan boord heeft, aldus Henk van Mol, projectmanager voor de nieuwbouwprojecten van DEME. Het systeem is door de ingenieurs van Tideway zelf ontworpen en werd gebouwd door de Reimerswaal-scheepswerf in Vlissingen.

“Onze carrousels zijn beide onderdeks”, zegt Van Mol. “Dat zorgt voor een groot oppervlak voor de kabelleginstallatie. We hebben een nieuw systeem gemaakt om de cable protection aan te brengen. Dat is een manueel proces dat best lang duurt. Door de extra ruimte kunnen wij een kabel voorbereiden en voorzien van het kabelbeschermingssysteem, terwijl we een andere nog aan het leggen zijn. Op die manier kunnen we veel sneller kabels gaan leggen.”

Minder gevaarlijk

Het schip werd begin juli opgeleverd. Daarna was er nog tijd voor tests en laatste puntjes op de i, voordat het schip op 3 augustus op weg ging naar de eerste klus bij het windpark Hornsea 1. De Living Stone zal daar een export-kabel gaan leggen. Het is niet spannend of Living Stone deze eerste proeve zal doorstaan, aldus Van Mol, want alle systemen zijn al uitvoerig getest.

“Het is een enkele kabel over een lange afstand, en protection sleeves zijn daar niet nodig. We gaan wel de quadrant handler gebruiken. Dat is een vaste installatie om het verbuigen van de kabels te voorkomen. Dat is minder omslachtig en minder gevaarlijk dan een lier. We kunnen heel precies en gecontroleerd een kabel door de splash zone halen. Mede daardoor denken we met meer bedrijfszekerheid te kunnen werken dan de concurrenten. Bij perfect mooi weer scheelt het niet veel met een kraan, maar bij een klein beetje meer zeegang wel. Zelfs met golven van 2,5 meter kunnen wij nog doorwerken”, aldus Van Mol.

Voor Hornsea 1 legt het schip de exportkabels aan om drie offshore substations met de wal te verbinden (foto: Tideway)

De installaties op de Living Stone kunnen kabels leggen met een afwijking niet groter dan 5 centimeter. Voor de meeste klussen is zulke precisie overkill, maar er zijn projecten waarbij het wel nodig is. De kabel voor Hornsea 1 bijvoorbeeld moet heel precies in de geul vallen die voor de kabel is gegraven, legt Van Mol uit. “Als je er een paar meter naast zit, is het niet zo erg, dan kun je hem weer optrekken en opnieuw neerleggen. Maar leg je hem net op het talud dan heb je een probleem.”

Beter beschikbaar

Het nieuwe schip is voorzien van ‘dual fuel’-motoren en kan dus naast diesel ook op LNG varen. Maar is die brandstof inmiddels voldoende beschikbaar in Noordwest-Europa? Van Mol: “De beschikbaarheid van LNG is nu nog wat beperkt, maar wordt steeds groter. Het schip kan bunkeren in Zeebrugge, Hamburg en Rotterdam en ik meen ook in Litouwen. Andere gebieden zijn lastiger, maar over een paar jaar zal LNG evenveel aanwezig zijn als gasolie. Er zal meer vraag naar komen van reders, en er zijn bunkerscheepjes in aanbouw. Het vraagt nu wel wat meer werkvoorbereiding, maar de brandstof is niet moeilijk te krijgen.”

De bouw van de Living Stone ging niet altijd van een leien dakje. Tijdens de installatiewerken brak er ook nog een keer een kleine brand uit. Ondanks alle veiligheidsvoorschriften was er toch een stuk plastic in brand gevlogen, met flink wat rookontwikkeling en schade tot gevolg. “Uitermate vervelend en kostbaar”, zegt van Mol, “omdat we de kabels van onze DP3-backupbron moesten vervangen. Maar op de planning heeft het nauwelijks invloed gehad.”

Mislukte ontvoering

Ingrijpender was het dreigende faillissement van de Spaanse scheepswerf in Bilbao waar de Living Stone sinds 2015 werd gebouwd. In september werd het schip wereldnieuws, toen zes medewerkers van Tideway en DEME het schip probeerden weg te halen bij scheepswerf LaNaval. DEME probeerde op die manier te voorkomen dat het schip in aanbouw aan de ketting zou komen te liggen in afwachting van de financiële afhandeling van een faillissement. Baskische agenten, die door bewakers van de werf werden gealarmeerd, hielden de ‘ontvoerders’ van de Living Stone tegen.

‘Ik wens het niemand toe om zelf een schip af te moeten bouwen nadat de bouwer zegt: los het maar op’

In oktober van vorig jaar werd het schip na overleg toch vrijgegeven. Toen besloot DEME het schip samen met subcontractors in Bilbao zelf af te bouwen, vertelt Van Mol. “Ik wens het niemand toe om zelf een schip af te moeten bouwen nadat de bouwer zegt ‘los het maar op’, maar het was wel bijzonder leerrijk om het een keer zelf te moeten doen.” Eind april kwam het schip naar scheepsbouwer Reimerswaal in Vlissingen. “Daar zijn de cable highways, kwadranten en chutes gemonteerd, en daarna is de Living Stone nog drie weken bij Damen Shipyards geweest voor schilderwerk. Al met al heeft de bouw twee maanden langer geduurd.”

Volgende klus

De Living Stone zal bij Hornsea 1 de exportkabels neerleggen om drie verschillende offshore substations met de wal te verbinden. Het schip zal daar tot het einde van het jaar mee bezig zijn. Daarna zet de kabellegger koers naar België voor de kabelinstallatie van het Modular Offshore Grid (MOG) van Elia, een elektriciteitshub voor vier offshore windparken.

Onderwerpen
Deel deze pagina
Specificaties Living Stone

De Living Stone is 161 meter lang, 33,2 meter breed en heeft een diepgang van 11,5 meter. Het schip biedt plaats aan een bemanning van honderd opvarenden. Het schip is voorzien van twee azimuth-schroeven, twee inschuifbare schroeven en nog eens twee boegschroeven. De haven-dieselmotor van 1.000 kW en het LNG-systeem dat bestaat uit twee tanks van 630 m3 en vier dual fuel-generatoren (2x 4.320kW en 2x 2.880kW) zorgen ervoor dat een snelheid gehaald kan worden van 13,4 knopen (25 km/u).

Windpark Hornsea 1

Het windpark waar de Living Stone aan het werk gaat, Hornsea Project One in het Verenigd Koninkrijk, heeft een geplande capaciteit van 1,2 GW. Daarmee is ‘Hornsea 1’ het grootste offshore windturbinepark ter wereld, dat vanaf 2020 meer dan een miljoen Britse woningen van stroom moet gaan voorzien. Hornsea 1 maakt deel uit van een nog groter project dat op termijn in totaal 6 GW moet gaan opwekken. Het bevindt zich op 120 kilometer voor de kust van Yorkshire in het noorden van Engeland.

Partners Maritiem Nederland