Achtergrond
Foto: Janneke Vogel

Rinus Kooiman, directeur Kooiman Groep:


‘Om te innoveren moet je uit je comfortzone komen’

Branche: Baggeren, Scheepsbouw | Auteur: Mark van Baal | Publicatiedatum:

Rinus Kooiman leidt samen met zijn broer Wim de Kooiman Groep, waaronder Scheepswerf Gebr. Kooiman in Zwijndrecht. Vorig jaar voltooide de groep de innovatieve hopperzuiger ‘Reimerswaal’, die op vier manieren zand en grind kan lossen. “De bouw van de Reimerswaal is goed geweest voor het zelfvertrouwen van het bedrijf.”

Het kantoor van Scheepswerf Gebr. Kooiman zit verscholen tussen fabriekshal en scheepshellingen en is bereikbaar via een stalen brandtrap, alsof het bedrijf wil benadrukken dat het kantoor een ondergeschikte rol heeft. “Wij hadden altijd angst voor te veel overhead”, zegt Rinus Kooiman (54), vierde generatie van het familiebedrijf uit 1884.

‘Dat ik zelf alles moest uitzoeken, was een handicap waar ik later veel profijt van heb gehad’

In een kleine ontvangstruimte staat een scheepsmodel van de Reimerswaal. Het schip kan niets wat andere hopperzuigers niet kunnen. Er zijn meer baggerschepen die zand en grind via transportbanden kunnen lossen. Er zijn ook hopperzuigers die een zandwatermengsel kunnen opspuiten (rainbowen), via persleidingen over grote afstand transporteren (walpersen) of door bodemdeuren kunnen lossen. Er vaart echter geen enkel schip dat alle vier kan, zegt Rinus Kooiman. De uitdaging van het ontwerp was dan ook de integratie van de verschillende lossystemen van verschillende leveranciers, die niet gewend zijn elkaar de ruimte te geven, vertelt de scheepsbouwkundig ingenieur.

Flexibiliteit

Het uitgangspunt van de 130 meter lange Reimerswaal, gebouwd naar de wensen van baggerbedrijf Reimerswaal Dredging, was flexibiliteit. Het schip kan worden ingezet zowel in de baggerindustrie als in de offshore industrie, bijvoorbeeld om stenen op of in funderingen van windturbines te storten. Op het dek van het scheepsmodel is duidelijk te zien wat voor puzzel het moet zijn geweest om alle onderdelen in elkaar te passen: roodbruine pijpen en transportbanden zijn zorgvuldig in en om elkaar gevouwen.

Kooiman luncht met een glas melk, een bruine boterham met kaas en één met worst. “Dat doe ik altijd. We hebben geen kantine, dus iedereen neemt zijn eigen brood mee. Sommige ontwerpers gaan tijdens de lunchpauze een stukje wandelen om te kijken hoe wordt gemaakt wat ze hebben getekend.” De ramen van de vergaderruimte geven zicht op twee gloednieuwe splijthoppers in de Swinhaven aan de Oude Maas. De schepen voor een Russisch baggerbedrijf kunnen lossen door de romp letterlijk open te splijten.

Eigenlijk wilde Kooiman na de havo schipper worden en niet nog eens vier jaar naar school, maar zijn oudere broers stimuleerden hem om verder te studeren. Gaandeweg de opleiding verminderde zijn aversie voor school. “Ik kreeg een doel. Ik wilde in de scheepsbouw werken. Niet op deze werf trouwens.”

Tekenkamer

Na de HTS Scheepsbouw in Dordrecht zette hij - opnieuw op aandringen van zijn broers - in zijn eentje een tekenkamer op bij Kooiman. “Tot die tijd verlengden we een schip door het door midden te branden en er een stuk tussen te lassen. Toen moesten er berekeningen en tekeningen komen.” Ook ontwierp hij mosselkotters. Kooiman was toen nog een kleine binnenvaart- en visserijwerf met 22 medewerkers. “Dat ik zelf alles moest uitzoeken, was een handicap waar ik later veel profijt van heb gehad.”

In navolging van zijn broers, werkte de benjamin ook hard en veel. “Mijn broers werkten overdag in ketelpak op de werf en deden ’s avonds de offertes en de administratie. Overdag werken en ’s avonds schrijven, noemden ze dat, want schrijven was natuurlijk geen werken. Als jongste wil je niet onderdoen voor de rest en werk je je te pletter om te bewijzen dat je iets hebt in te brengen.”

Foto: Janneke VogelBij het ontwerp en de bouw van de Reimerswaal had Kooiman veel profijt van zijn harde leerschool in de jaren tachtig, toen hij als enige ingenieur bij Kooiman werkte. Hij ontdekte dat een cruciaal onderdeel niet goed was ontworpen, terwijl de productie in Roemenië al in volle gang was. Kooiman en het ontwerpbureau ontwierpen het gewraakte onderdeel zelf.

In plaats van naar de rechter gaan, zocht Kooiman ook een oplossing voor het contract met de onderaannemer. “We hebben het contract opgebroken zonder naar de rechter te gaan.” De onderaannemer die het onderdeel niet goed had ontworpen, heeft Kooimans nieuwe ontwerp gebouwd. “Ook dat is misschien innovatief. Ook dan moet je niet in de verdediging schieten en er juristen bijhalen, maar oplossingen verzinnen om je doel te bereiken.”

Laat tegenslag niemand afschrikken, benadrukt Kooiman. “Deze mogelijke moeilijkheden weerhouden mensen van innovatie. Ze blijven bij het bekende, terwijl je om te innoveren juist uit je comfortzone moet komen.”

Vertrouwen

Over de belangrijkste voorwaarde om een dergelijk innovatief schip van stapel te laten lopen, hoeft Kooiman niet lang na te denken: “Vertrouwen. Wantrouwen kost geld en levert vertraging op. Als je je er als leverancier en klant echter allebei van bewust bent dat je risico neemt en dat je samen dicht langs het randje gaat, dan moet je elkaar vertrouwen. Je kunt bij zo’n project geen claimcultuur hebben.” Als beide partijen alle risico’s met advocaten en ellenlange contracten met gedetailleerde specificaties willen uitsluiten, kan er niets innovatiefs ontstaan. “Juristen bouwen geen schepen.”

Het team van acht mensen dat het Reimerswaal project deed, werkte bij tijd en wijle keihard. “Soms kregen we per dag vijftig e-mails met vragen uit Roemenië. Niet antwoorden betekende vertraging. “Sommige mensen wisten niet van zichzelf dat ze bepaalde dingen konden. Die zijn enorm gegroeid.” De Reimerswaal, een opdracht van tientallen miljoenen, was vier à vijf keer zo groot als Kooimans grootste opdracht ooit. “De bouw van de Reimerswaal is goed geweest voor het zelfvertrouwen van het bedrijf.”

Het was lange tijd verre van zelfsprekend dat Rinus Kooiman directeur-grootaandeelhouder van de werf zou worden. “Ik was timide, zag het werk dat mijn broers als directeur deden en dacht: dat is niets voor mij, praten met klanten en praten over prijzen. Maar toen de tweede broer stopte, was er geen ontkomen meer aan. Je groeit erin.”

De werf met 22 medewerkers groeide, mede door een aantal overnames, uit tot een bedrijf met 170 mensen in vaste dienst en vijftig ingeleende krachten, dat jaarlijks zo’n vijf schepen bouwt. Ook het ontwerpbureau, dat jarenlang klein was gehouden, omdat de broers panisch waren voor een te grote overhead, groeide van drie à vier tot zeventien medewerkers.

Lagelonenlanden

De groei van het ontwerpbureau was tevens het antwoord op de onvermijdelijke vraag: is de maakindustrie niet gedoemd te verdwijnen uit Nederland? Ook Kooiman ontkwam er niet aan een deel van de productie naar lagelonenlanden te verplaatsen. Het casco van de Reimerswaal werd bijvoorbeeld in Roemenië gebouwd. “Je wilt echter niet krimpen. Als je de helft van je uren naar het buitenland verplaatst, zal je twee keer zo veel schepen moeten bouwen. Daar hebben we onze ontwerpcapaciteit op afgestemd.”

Vaak zijn innovaties geïnitieerd door een klant, vertelt Kooiman. Wanneer ze een idee hebben, gaat hij meedenken. “Ik kan redelijk goed luisteren”, zegt de ondernemer. “Innovatie is een kwestie van wat er op je pad komt en kansen zien.”

De meeste opdrachten komen door mond-tot-mondreclame. Vertegenwoordigers heeft Kooiman dan ook niet. “De klant komt naar ons toe. Ik klop meestal niet aan. Een verkoopafdeling? Die zit hier.”

Over de vraag wat hem drijft, moet de ondernemer even nadenken. “Ik loop af en toe hard. Ik wil dan een bepaalde tijd realiseren, anders vind ik dat ik niet goed heb gelopen. Daar word ik niet voor betaald, er staat geen publiek te klappen, het maakt allemaal geen bal uit, het is gewoon voor mezelf. Dit is niet anders. Ik wil het goed hebben gedaan. Als een klant er blij mee is maar ik vind het waardeloos, dan heb ik er geen vrede mee. Het moet gewoon goed zijn.”

Onderwerpen
Deel deze pagina

Probeer TW

Geïnteresseerd in techniek? Kies dan voor Technisch Weekblad (TW)

TW biedt technici het laatste nieuws, achtergronden en opinie op het gebied van techniek en innovatie. TW lees je in print en altijd en overal online op je pc, tablet of smartphone. Voor studenten en starters onder de 35 jaar met een technische opleiding, is TW helemaal gratis! 

Naar de website van TW voor het laatste nieuws

Meer informatie over een abonnement

Partners Maritiem Nederland