Achtergrond

‘Agendapunten van toen zijn nu nog actueel’


Europese redersvereniging neemt afscheid van Alfons Guinier

Branche: Maritieme Cluster, Zeevaart | Auteur: Paul Steenhoff | Publicatiedatum:

21 jaar lang was Alfons Guinier secretaris-generaal van de belangenvereniging voor Europese reders, ECSA in Brussel. Na de zomer gaat hij met pensioen. Maritiem Nederland zocht hem op om samen een blik te werpen op de belangrijkste gebeurtenissen in zijn loopbaan, toen én nu.

Hij komt uit de tijd dat schepen werden geladen met stukgoederen in plaats van containers en milieu nog stond voor de omgeving waarin je opgroeide. “Mijn oog viel toevallig op een advertentie van de Compagnie Maritime Belge (CMB), een van de oudste en grootste Antwerpse rederijen. Het was een erg gevarieerde baan en uiteindelijk ben ik daar directielid geworden en gaf ik advies aan de Raad van Bestuur”, zegt Alfons Guinier die inmiddels 64 is. “Op een gegeven moment werd mijn baas voorzitter van ECSA (European Community Shipowners’ Associations) en zo raakte ik geïnteresseerd in deze organisatie. In 1992 ben ik gevraagd aan de slag te gaan als secretaris-generaal bij ECSA en nu ben ik dat nog. Op 1 augustus neem ik een maand vakantie en op 1 september neem ik officieel afscheid.”

Reders zijn niet conservatief maar innovatief en durven geld te steken in ontwikkelingen die de branche vooruit helpen’

Passieve organisatie

ECSA is de belangenbehartiger voor alle reders in 22 Europese landen. Alle items die de scheepvaart raken, staan op de ECSA agenda zoals milieu, belastingwetgeving, arbeid, veiligheid en innovatie. “Toen ik hier aantrad, waren we vooral een passieve organisatie. We volgden de politiek en probeerden de eventuele negatieve gevolgen daarvan voor de scheepvaart te keren. In de loop van de jaren is dat veranderd in een actieve houding waarbij we nu participeren en vooral anticiperen in de politiek. Een van de belangrijkste agendapunten toen én nu is dat we proberen regionale wetgeving ten aanzien van scheepvaart te voorkomen. Scheepvaart is immers een mondiale aangelegenheid en het is zeer onwenselijk dat onze reders in verschillende landen met verschillende wetgeving te maken krijgen. Wij vinden dat wetgeving met betrekking tot scheepvaart vanuit IMO (International Maritime Organisation) moet komen en internationaal rechtsgeldig moet zijn. Daar hebben wij als ECSA ook actie voor gevoerd destijds. Van de andere kant gebruiken wij de politieke kracht van de EU om vrijhandel voor Europese scheepvaart te vrijwaren. Het bilateraal akkoord tussen de EU en China is hiervan een goed voorbeeld.”

Een ander nog steeds actueel ECSA-agendapunt van toen en nu vormen de State Aide Guidelines uit 1997. “De Europese koopvaardij had het in de jaren tachtig en begin jaren negentig zwaar, onder andere veroorzaakt door concurrentie uit niet-Europese landen. De State Aide Guidelines zijn in die tijd opgesteld en vormen geen zak met geld, maar bestaan uit richtlijnen opgesteld door de Europese Commissie. Deze laten Europese lidstaten toe structurele maatregelen te nemen en zo reders in staat te stellen te concurreren met reders van buiten de EU. De Nederlandse tonnageregeling en de afdrachtvermindering zeevaart zijn voorbeelden van regelingen die onder dit steunkader vallen.” Met het inzetten van instrumenten zoals de tonnageregeling en de afdrachtvermindering zeevaart, krijgen Europese reders een belastingdruk vergelijkbaar met andere vlaggenlanden en is er sprake van gelijke concurrentie, in goed Nederlands ook level playing field genoemd.

De maatregel is in 2004 verlengd en ECSA maakt zich er sterk voor dat de regeling ook nu weer wordt verlengd. “Doe je dat niet, dan zul je zien dat veel reders naar het buitenland vertrekken waarbij ze heel veel werkgelegenheid meenemen. Een ongewenste situatie voor Europa”, becommentarieert Guinier.

Zwavelrichtlijn

Als we kijken naar de ECSA-agenda van vandaag, zien we dat de IMO-zwavelrichtlijn van 2015 bovenaan staat. Vanaf 1 januari 2015 mag in ECA-gebieden alleen gevaren worden op brandstof met een zwavelpercentage van maximaal 0,1 procent waar nu nog 1 procent zwavel is toegestaan. Waar ECSA en IMO normaal twee handen op één buik zijn, is er nu onvrede tussen de twee. “De richtlijn voor 2015 wordt de doodsteek voor short sea shipping”, stelt Guinier. “De maatregel is waarschijnlijk overhaast genomen zonder een degelijke impact assessment. Wij hebben onderzoek laten doen door de universiteiten van Leuven en Antwerpen en de conclusie luidde dat invoer van deze maatregel zal leiden tot een modal back shift die kan oplopen tot 50 procent op bepaalde routes ten gunste van het wegvervoer. Scheepvaart is kampioen als gaat om een lage uitstoot van koolstofdioxide, daar waar het wegverkeer juist zeer belastend is als het gaat om dit broeikasgas. Deze maatregel heeft dus niet het juiste effect zolang de alternatieven nog in de testfase zijn of gewoon niet goed werken. Daarom pleiten wij voor uitzonderingsbepalingen en/of overgangsmaatregelen om de sector in deze toch al moeilijke tijden overeind te houden en niet verder te verzwakken.”

Wildwesttaferelen

Dat ECSA geen tandeloze papieren tijger uit Brussel is, heeft het bewezen inzake piraterij. “Piraterij escaleerde in 2008 in Somalië en we hebben het probleem direct aangekaart bij de Europese Commissie. Al snel zijn we rond de tafel gaan zitten met een delegatie van Europese militairen en zo is EU Navfor ontstaan, oftewel de European Union Naval Force waarvan Operation Atalanta deel uitmaakt. Het is een missie van de Europese Unie om de piraterij te stoppen voor de Somalische kust. De missie loopt nog steeds. België en Nederland hebben net weer schepen richting Somalië gestuurd. Inmiddels verspreidt de piraterij zich richting West-Afrika en steeds meer schepen nemen daarom private beroepsbeveiligers aan boord om een eventuele aanval af te slaan. De wetgeving van de vlaggenstaat moet daarop worden aangepast en in veel landen is dat inmiddels al het geval. Ook in België zijn we bijna zover, in Nederland is het nog niet toegestaan.”

Guinier benadrukt dat met IMO-certificatie van de beroepsbeveiligers voorkomen moet worden dat er cowboys aan boord van schepen komen en er wildwesttaferelen ontstaan. “Op dit moment zien we geen andere uitweg, maar het mag geen norm worden en het is niet onze taak, maar een UN-taak om hier een einde aan te maken. We kunnen in ieder geval niet lijdzaam toezien hoe bemanningen gegijzeld en zelfs gedood worden.”

Hardnekkiger

Na veertig jaar in de wereld van de scheepvaart werkzaam te zijn geweest, neemt Guinier afscheid. Geen makkelijk afscheid nu de scheepvaart zulke moeilijke tijden doormaakt. “Natuurlijk heb ik eerdere recessies meegemaakt, maar deze recessie is veel hardnekkiger en richt meer schade aan dan ik tot nu toe heb mogen meemaken. Reders maken zware tijden mee nu er zoveel overcapaciteit is. Zeker de reders die in de goede tijden voor het volle pond nieuwe schepen hebben besteld die nu opgeleverd worden. Na de tewaterlating is er dikwijls geen werk voor die schepen en is de boekwaarde van deze schepen sterk gedaald.”

Toch heeft Guinier goede hoop voor de toekomst. “Van origine is dit een sterke sector en in tegenstelling tot wat veel mensen denken, zijn reders niet conservatief maar innovatief en durven ze geld te steken in ontwikkelingen die de branche vooruit helpen. Kijk naar wat in Nederland gebeurt met LNG-elektrisch varen of dual fuel. Dat getuigt van visie, de wil te veranderen en de durf te investeren. Ik hoop dat de wereldhandel snel aantrekt en de reders weer hun handen vol hebben. Ze verdienen het.”

Op 1 september zal Patrick Verhoeven, nu nog secretaris-generaal van de Europese organisatie van Zeehavens ESPO, de plaats van Guinier overnemen. “Ik ga dan samen met mijn vrouw genieten van mijn vrije tijd. We zijn vanaf het platteland verhuisd naar de stad om meer te kunnen genieten van cultuur en alles wat de stad ons biedt. Verder blijf ik kajakken. Niet in wedstrijdverband, maar gewoon voor mijn plezier. Ik heb vijf wedstrijdkajaks, dus voor elke dag een. Blijf ik toch verbonden met het water.”

CV Alfons Guinier (64)

1992 - heden

- Secretaris-Generaal European Community Shipowners’ Associations (ECSA)

- Coördinator Transport/Shipping/Services van het Maritime Industries Forum

- Lid Joint Committee for Maritime Transport

 

Tot 1991

Verschillende administratieve en commerciële functies in de Compagnie Maritime Belge (CMB). In die tijd was Guinier ook de Belgische vertegenwoordiger voor een aantal Europese en internationale scheepvaartorganisaties en woordvoerder van de Belgische Redersvereniging en de Belgische Federation des Entreprises de Belgique.

Partners Maritiem Nederland