Achtergrond
Foto: Reinder Weidijk

Jaap Zeilmaker, projectmanager Rijkswaterstaat nieuwe zeesluis IJmuiden:


‘Een boeiend project met een lange geschiedenis’

Branche: Havens | Auteur: Bart Stam | Publicatiedatum:

Hij werkte zes jaar als projectdirecteur aan de verbreding van de A15, maar sinds 1 juni is Jaap Zeilmaker projectmanager voor de nieuwe zeesluis van IJmuiden. “Het is een complex project met een lange historie maar dat vind ik juist boeiend.”

Officieel heet het project Zeetoegang IJmond, maar Jaap Zeilmaker (1956) vindt het prima om te spreken over de nieuwe zeesluis in IJmuiden. “Het gaat om de bouw van een zeesluis die de Noordersluis uit 1929 moet vervangen. Dit om de Amsterdamse haven ook in de toekomst bereikbaar te houden voor de steeds grotere en bredere zee- en cruiseschepen”, zegt hij, terwijl hij geniet van een uitsmijter met een glas jus d’orange in Restaurant IJmond, dé ontmoetingsplek voor de havengemeenschap van IJmuiden.

‘Een nieuwe sluis of snelweg is geen losstaande investering maar moet passen in de economische ontwikkeling en de toekomstige vervoersvraag’

Zeilmaker werkt al sinds 1989 bij Rijkswaterstaat, na zijn studie Civiele Techniek aan de TU Delft. Van 2006 tot 2012 hield hij zich bezig met de verbreding van rijksweg A15 Maasvlakte-Vaanplein, inclusief de nieuwe Botlekbrug. Daarna was hij verantwoordelijk voor de nieuwe rijksweg A16-A13 bij Rotterdam. “De uitvoering van deze projecten vallen bij Rijkswaterstaat onder de dienst Grote Projecten en Onderhoud (GPO).”

Maritieme aspecten

De nieuwe zeesluis in IJmuiden is niet zijn eerste maritieme project. “Ik heb mij in de jaren negentig bezig gehouden met Ruimte voor de Rivier. En al lijkt het project A15 een wegenproject, het heeft tal van maritieme aspecten zoals de vervanging van de Botlekburg.” De verbreding van de A15 is ook cruciaal voor de bereikbaarheid van de Rotterdamse haven, legt Zeilmaker uit: “Daarom had ik vaak contact met Havenbedrijf Rotterdam. Hierdoor is de havenwereld mij niet onbekend.”

De projectmanager ziet sowieso diverse overeenkomsten tussen de verbreding van de A15 en de nieuwe zeesluis. “In beide projecten zijn de belangen van de havens nadrukkelijk aanwezig. De verbreding van de A15 was nauw verbonden met de Tweede Maasvlakte. Reders en andere partijen willen garanties voor een goede bereikbaarheid van de haven, dat geldt ook voor het sluisproject in IJmuiden.”

Op 1 juni is Zeilmaker vol enthousiasme aan de slag gegaan in zijn nieuwe functie. “Ik vind het een buitengewoon boeiend project door de omvang, de complexiteit en de vele betrokken partijen.” De projectmanager realiseert zich terdege dat het gaat om een project met een lange voorgeschiedenis. Reeds in de jaren zestig waren er in de Amsterdamse havengemeenschap geluiden te horen dat een grote zeesluis noodzakelijk was om de haven bereikbaar te houden. Sindsdien volgden er vele studies en onderzoeken naar noodzaak en haalbaarheid van het project, totdat in november 2009 minister Camiel Eurlings van Verkeer en Waterstaat zijn handtekening zette onder het convenant voor de aanleg van de zeesluis. Dat deed hij samen met de gemeente Amsterdam en de provincie Noord-Holland.

Foto: Reinder Weidijk“Ik denk dat zo’n lange voorgeschiedenis kenmerkend is voor veel grote infrastructurele projecten”, zegt Zeilmaker. “Over de Blankenburgtunnel onder de Nieuwe Waterweg sprak men al in de jaren tachtig. Dat is ook wel logisch want er is veel geld mee gemoeid. Een nieuwe sluis of snelweg is geen losstaande investering maar moet passen in de economische ontwikkeling en de toekomstige vervoersvraag.”

Kennismakingsronde

Eind augustus was Jaap Zeilmaker nog volop bezig met zijn kennismakingsronde. “De belangrijkste stakeholders heb ik al gesproken, zoals Havenbedrijf Amsterdam NV, de provincie Noord-Holland en de gemeente Amsterdam. Voorts heb ik kennisgemaakt met belangrijke partijen als de Passenger Terminal Amsterdam (PTA) en het Loodswezen. Ik vind het belangrijk te weten wat voor deze partijen de belangrijkste doelstellingen en uitgangspunten zijn.”

Verder is voor Rijkswaterstaat overleg met bewoners- en milieuorganisaties een standaard onderdeel van de milieueffectrapportage en het zogeheten Provinciaal Inpassings Plan (PIP). Zeilmaker: “We zoeken naar win-winsituaties voor alle partijen. Niet alleen voor het havenbedrijfsleven, ook voor omwonenden en het milieu.”

Inmiddels zijn de voorbereidingen voor de aanleg van de nieuwe zeesluis in volle gang. De eerste fase eindigde in juni 2012 toen de drie partners hun voorkeur uitspraken voor een nieuwe zeesluis van 500 meter lang, 65 meter breed en 18 meter diep voor maximaal 848 miljoen euro. Omwonenden en belanghebbenden konden tot medio april hun commentaar geven op de milieueffectrapportage en het PIP. Op 22 september is Provinciale Staten met het inpassingsplan akkoord gegaan.

Geluidsoverlast

Een belangrijk aspect dat volgens Zeilmaker uit de inspraakprocedure naar voren kwam, is de geluidsoverlast tijdens de aanleg. “Voor dit project moet de aannemer natuurlijk gaan heien en dat betekent lawaai. Zeker voor de bewoners op zo’n veertig à vijftig meter afstand.” Dit betekent volgens de projectmanager een extra uitdaging voor de aannemer om de beste bouwmethode te kiezen om de overlast te minimaliseren. “Het Sluiseiland is een schitterende locatie om bouwmaterialen en apparatuur per schip aan te voeren.”

Illustratie van de huidige en toekomstige zeesluis bij IJmuiden.In april is ook de aanbestedingsfase van start gegaan voor de aannemerscombinaties waarvan er één vanaf begin 2016 de sluis uiteindelijk mag bouwen én onderhouden. “Er hebben zich vier consortia gemeld”, aldus Zeilmaker die geen namen wil noemen. “We zijn in september gestart met de zogeheten dialooggesprekken. Daarin vragen we de aannemers een risicobeheersplan te maken.” Hierin wil Rijkswaterstaat onder andere graag weten van de aannemerscombinatie hoe het scheepvaartverkeer tijdens de bouwwerkzaamheden zo min mogelijk last heeft van stremmingen en ander ongemak. “Omdat de aanleg vlak bij de Noordersluis plaatsvindt, moet je voorkomen dat de zuidelijke wand van deze sluiskolk mogelijk gaat schuiven. Aannemers moeten daarvoor een adequate oplossing bedenken.” Ook de noord-zuidverbinding voor het wegverkeer over het Sluiseiland moet in tact blijven.

Blindgangers

Een andere serieus probleem vormen de niet-ontplofte blindgangers uit de Tweede Wereldoorlog. Zeilmaker: “We zijn bezig met een eigen onderzoek waar deze explosieven kunnen liggen, gecombineerd met een kaart van de gemeente Velsen. Doel is blindgangers voor de bouwstart zo veel mogelijk onschadelijk te maken. Helaas weten we niet hoeveel munitie er nog ligt en op welke locatie en diepte. Zelfs de modernste sonartechnieken komen niet verder dan zo’n zeven meter in de bodem, terwijl er een bouwput moet komen van zo’n 23 meter onder het maaiveld. Als derde element onderzoeken we de eventuele bodemvervuiling.”

Hij vervolgt: “Met de drie beste aannemers gaan we door na 1 december 2014. In de vervolgfase vragen we deze consortia voor welk bedrag ze de sluis kunnen bouwen. Omdat bij dit project gewerkt wordt met een DBFM-contract (Design, Build, Finance en Maintenance) wordt de aanneemsom uitbetaald via een beschikbaarheidsvergoeding. Bij een DBFM-contract is de aannemer niet alleen verantwoordelijk voor het detailontwerp en de bouw, maar ook voor de financiering en het onderhoud voor de eerste 26 jaar.” Het project Zeetoegang IJmuiden is onderdeel van het door RWS opgezette sluizenprogramma. Doel van dit programma is om door optimale samenwerking op efficiënte en uniforme wijze een aantal sluizen in Nederland in de komende jaren te realiseren.

Gaat alles volgens plan, dan ontvangt de aannemer de beschikbaarheidsvergoeding bij de afgifte van het beschikbaarheidscertificaat: het moment dat de nieuwe zeesluis gebruikt kan worden. Dit mag niet later zijn dan 31 oktober 2019. Zeilmaker: “Daarmee stimuleren we de aannemer om zo snel mogelijk te bouwen, des te eerder krijgt hij zijn vergoeding.” De projectmanager verwacht dat het winnende consortium in september 2015 bekend zal zijn, waarna in het eerste kwartaal van 2016 de bouw van start kan gaan die dus zo’n 3,5 jaar zal duren. “Na het sluiten van de contracten is de aannemer wel een halfjaar bezig om zijn hele organisatie op poten te zetten.”

Hoe de sluis eruit komt te zien kan Zeilmaker nog niet zeggen. “Wij hebben in een referentieontwerp gekozen voor bewezen technologieën, maar het is uiteindelijk de aannemer die de sluis bouwt. In elk geval stimuleren wij duurzaamheid: extra breedte van de sluiskolk (dus meer dan 65 meter met als bovengrens 70 meter) en innovatie via de zogeheten EMVI-criteria (Economisch Meest Voordelige Inschrijving), bijvoorbeeld door het hergebruik van grondstoffen of een laag energiegebruik. De aannemer kan daarmee extra geld verdienen.”

Bijdrage Amsterdam

Inmiddels hebben het ministerie van IenM en de provincie Noord-Holland hun aandeel van respectievelijk 574 miljoen en 56 miljoen euro toegezegd. Alleen de gemeenteraad van Amsterdam moet in november nog zijn jawoord geven voor circa 136 miljoen euro. De voorbereidingen voor de besluitvorming door de gemeenteraad eind dit jaar lopen op schema. De hoofdstad is gevraagd haar besluit te vervroegen van voorjaar 2015 naar eind 2014 om het tempo in de aanbesteding hoog te houden. Zeilmaker wil er alleen dit over zeggen: “De bijdrage van Amsterdam is natuurlijk essentieel. Als de gemeenteraad nee zegt dan zal de minister een besluit moeten nemen.”

Wel hebben de drie partners een subsidie aangevraagd van zo’n tachtig miljoen euro in het kader van CEF (Connecting Europe Facility). Of Brussel dat bedrag ook toekent is nog onduidelijk, maar Zeilmaker heeft goede hoop dat de Europese Commissie een substantieel bedrag zal bijdragen. Onduidelijk is verder wat er na 2019 met de oude Noordersluis gaat gebeuren. “We hebben met de provincie Noord-Holland, de gemeente Amsterdam, Havenbedrijf Amsterdam NV en het ministerie van IenM afgesproken dat we dat in 2017 gaan bespreken.”

Wel zeker is de komst van een informatiecentrum tussen de Noordersluis en het Spuigemaal op het Sluiseiland. “Dat doen we samen met de provincie. Niet alleen om het grote publiek tijdens de bouw te informeren over de grote nieuwe zeesluis, maar ook om mensen aan een baan te helpen met afstand tot de arbeidsmarkt. Dat vind ik een mooie bijkomstigheid van dit project”, zo besluit hij.

Deel deze pagina

Partners Maritiem Nederland