Achtergrond

Ontwikkeling Borssele I en II krijgt stap voor stap vorm


Dong Energy is en wil marktleider in wind op zee blijven

Auteur: Antoon Oosting | Publicatiedatum:

Het Deense energiebedrijf is vastbesloten om marktleider te blijven in wind op zee. “Wij willen in 2020 6500 Megawatt aan vermogen in wind op zee hebben. En ook daarna willen we elk jaar in de orde van 1000 Megawatt aan vermogen extra plaatsen”, zegt Jasper Vis (45), sinds april 2016 directeur van Dong Energy Netherlands.

Onder zijn leiding won Dong Energy juli vorig jaar de tender voor de ontwikkeling van de windmolenparken Borssele I en II, samen goed voor 752 MW. Vervolgens won een consortium van Shell, Van Oord, Eneco en Mitsubishi/DGE december vorig jaar de concessie voor Borssele III en IV. Dan zijn er tot 2020 nog drie concessies, Hollandse Kust Zuid (2x 700 MW) ter hoogte van Den Haag, en Hollandse Kust Noord (700 MW) voor de kust van IJmuiden te vergeven.

Vis sluit niet uit dat zijn bedrijf ook op de tenders voor deze concessies gaat bieden maar laat daar verder niets over los. “Internationaal, voor de kusten van het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Denemarken, liggen nog voldoende mogelijkheden om onze groeiambitie te vervullen. De markt wordt bovendien steeds internationaler met de plannen voor windparken op zee rond Japan en voor de kusten van de Verenigde Staten”, aldus Vis.

Dong Energy financiert de aanleg van zijn windparken zelf. Vis: “Als er een park klaar is verkopen we een deel hiervan aan investeerders.” Op die manier vloeit er weer geld in kas voor de ontwikkeling van het volgende windpark op zee. Daarvan heeft Dong Energy er inmiddels 21 in gebruik of in ontwikkeling, elf in het Verenigd Koninkrijk, vijf in Denemarken, drie in Duitsland en nu dus twee in Nederland. .

Energieakkoord

In Nederland was Dong Energy tussen 2005 en 2013 actief met de levering van elektriciteit aan huishoudens. Daarnaast heeft het met Eneco een gascentrale op de Maasvlakte. Daarnaast had het in 2009 drie vergunningen voor de aanleg van windparken op zee verkregen. Die zijn echter nooit gerealiseerd omdat minister Kamp van Economische Zaken besloot het Nederlandse beleid volledig om te gooien en te kiezen voor de aanleg van vijf grote (elk 700 MW) parken.

Toen Kamp hierover met alle betrokken partijen in 2013 het Energieakkoord sloot, besloot ook Dong Energy om te kijken hoe het bij kan dragen aan de doelstelling om in 2020 de energievoorziening voor 14 procent uit duurzame bronnen te kunnen halen. Met als resultaat dat Dong Energy op beide tenders voor Borssele I en II het laagste bod neerlegde.

'Omdat we het project heel graag wilden winnen, hebben we op twee parken tegelijk geboden'

In totaal bracht Dong Energy 21 biedingen uit wat vragen opriep. “Maar wij wilden het project heel graag winnen. Daarom hebben we, net als overigens de meeste andere partijen, op twee parken tegelijk geboden. Wij zagen de beste mogelijkheden de twee kavels als één park in te richten. Maar om daarin te slagen moesten we voor beide parken het laagste bod hebben. Daarom hebben we meerdere biedingen gedaan waarbij het gemiddelde steeds gelijk bleef,” legt Vis uit. Uiteindelijk bleek Dong op beide kavels het laagste bod te hebben uitgebracht met het bod waarbij de bieding voor beide parken gelijk was. Achteraf hadden de extra biedingen geen effect.

De nieuwe werkwijze van Kamp komt er op neer dat het Rijk alle voorwerk doet. Dat bestaat uit bodemonderzoek (door Fugro), het onderzoek naar de milieueffecten (de MER-procedure) en het opstellen van de randvoorwaarden voor bijvoorbeeld het maximaal toegestane onderwatergeluid als gevolg van heiwerk voor de funderingen.

Grote stappen

De eerste stap na het winnen van de concessies was de formatie van een projectteam dat op 1 januari van dit jaar aan de slag is gegaan. Dat projectteam bestaat uit ongeveer zestig fulltime medewerkers en nog eens negentig die voor een deel van hun tijd aan het project meewerken. Die medewerkers zitten op het kantoor van Dong Energy Nederland aan de Koninginnegracht in Den Haag maar ook in Denemarken, het Verenigd Koninkrijk. en Duitsland.

Vis: “Wij werken stap voor stap aan de ontwikkeling van Borssele I en II.” Elke keer als er weer een grote stap wordt gezet, volgt er een persbericht. Zo maakte Dong Energy op 6 juli bekend dat het met Siemens Gamesa een contract heeft afgesloten voor de levering en het onderhoud van 94 windturbines met een vermogen van 8 MW. De gondels komen uit de nieuwe Siemens Gamesa fabriek in Cuxhaven, de rotorbladen uit een fabriek in Hull (VK). Siemens Gamesa is het fusiebedrijf van Siemens en het Spaanse Gamesa.

“Verder hebben we intussen overeenkomsten voor samenwerking getekend met Tennet en het havenbedrijf Zeeland Seaports”, vertelt Vis. Als beheerder van het Nederlandse elektriciteitsnet is Tennet verantwoordelijk voor de aansluiting van de windmolenparken op het netwerk. Daarvoor moet het twee transformatorstations op zee, de kabels naar het land en een transformatorstation op het land bouwen.

Onderhoud vanuit Vlissingen

De samenwerking met Zeeland Seaports behelst het opzetten van een onderhoudsbasis in de haven van Vlissingen. Daarnaast werkt Dong Energy Nederland aan de engineering van de funderingen waarop de turbines moeten komen te staan. Momenteel doet Gardline, dochter van Boskalis, in opdracht van Dong Energy aanvullend bodemonderzoek. Fugro deed verkennend onderzoek. Als bekend is aan welke eisen alles moet voldoen, worden de materialen ingekocht en de contracten met de aannemers afgesloten.

Daar gaan taaie onderhandelingen aan vooraf want: “Wij moeten scherp inkopen”, zegt Vis om te zorgen dat Dong ook nog iets overhoudt aan het project. Dong Energy heeft de concessie binnengehaald met een bod waarbij het zich verplicht om elektriciteit te leveren voor de scherpe prijs van 7,27 eurocent per kilowattuur (kWh). Om daar nog enige winst op te kunnen maken, mogen de kosten van aanleg en onderhoud niet de pan uit rijzen.

‘Dong heeft nog geen park gebouwd waarbij géén Nederlandse bedrijven waren betrokken’

“Wij doen de regie van de bouw van het windpark zelf en zoeken aannemers voor de uitvoering hiervan”, zegt Vis. Het werk van funderingen, aanleg van kabels en installatie van de windturbines wordt in losse pakketten getenderd om zo hiervoor de laagste prijs uit de markt te halen. Vis: “Wij hebben internationaal al heel veel met Nederlandse bedrijven gewerkt. Zij spelen in de bouw van windparken op zee een grote rol en hebben hier veel ervaring mee opgebouwd. Dong heeft nog geen park gebouwd waarbij géén Nederlandse bedrijven waren betrokken.”

Geen inzicht in kosten

Vis verwacht ook volgend jaar belangrijke contracten voor de aanleg van Borssele I en II te kunnen aankondigen. Over kosten van aanleg doet hij geen mededelingen. “We laten ons niet in de keuken kijken”, aldus een gedecideerde Vis. De daadwerkelijke aanleg van de windparken Borssele I en II zal volgens hem relatief snel gaan, pakweg een tot anderhalf jaar. Eind 2020 moeten dan Borssele I en II volledig operationeel zijn en voor 25 jaar lang elektriciteit gaan leveren.

Borssele I en II wordt ontwikkeld met de laatste stand van de techniek die zich sterk heeft ontwikkeld sinds de oplevering van het eerste windpark op zee in 1991 (in Denemarken) dat trouwens momenteel wordt afgebroken. Met een vermogen van 8 Megawatt zullen de windturbines van Borssele I en II aanzienlijk hoger en krachtiger worden dan wat er tot nog toe voor de Nederlandse kust is gebouwd. Het vorig jaar opgeleverde Gemini-windpark bestaat uit 150 windturbines van elk 4 Megawatt vermogen.

Aanzienlijk efficiënter

Daarnaast gaat volgens Vis de aanleg van een windmolenpark inmiddels ook aanzienlijk kostenefficiënter dan voorheen. Niet alleen is er inmiddels veel ervaring met de uitvoering van het werk opgedaan maar ook is er in et gebruikte materieel veel vooruitgang geboekt. “In het verleden werden de parken aangelegd met de techniek en schepen vanuit de olie-en gasindustrie. Dat was niet optimaal. De sector heeft zich inmiddels doorontwikkeld en inmiddels zijn er ook veel schepen die speciaal zijn gebouwd voor de plaatsing van de windturbines, de funderingen en het leggen van de kabels. “Daarmee kunnen aanleg en onderhoud van een windmolenpark op zee nu aanzienlijk efficiënter worden uitgevoerd dan voorheen”, aldus Vis.

Het onderhoud van Borssele I en II houdt Dong Energy in eigen hand. Omdat het windmolenpark slechts 22 kilometer uit de Zeeuwse kust komt te liggen, verwacht Vis dat dit werk kan worden verricht met betrekkelijk lichte schepen die vanuit de onderhoudsbasis in Vlissingen dagelijks op en neer kunnen varen. Een groot walk-to-work schip zal niet nodig zijn.

Onderwerpen
Deel deze pagina
Van Natuur en Milieu naar Dong

Jasper Vis (45) is directeur van Dong Energy Netherlands. Hij heeft een studie natuurwetenschappen gedaan en werkte twintig jaar bij verschillende energiebedrijven (o.a. TAQA), de overheid, milieuorganisatie Stichting Natuur en Milieu tot hij vijf jaar geleden in dienst trad bij Dong Energy.

Partners Maritiem Nederland