Achtergrond

Cas König over energietransitie Groningen Seaports


Nationale draaischijf voor duurzame energie

Branche: Havens | Auteur: Bart Stam | Publicatiedatum:

Delfzijl en de Eemshaven vormen samen Groningen Seaports. In beide havens voltrekt zich in hoog tempo de energietransitie van steenkool en aardgas naar offshore windenergie, biomassa, zonne-energie, waterstof en recycling. “Wij willen de Nederlandse rotonde worden voor duurzame energie,” aldus directeur Cas König. Deel 3 in een serie over de energietransitie in de Nederlandse zeehavens.

Ook voor Cas König (52) kwam begin 2017 het afscheid van Harm Post bij Groningen Seaports onverwacht. “Post was ruim zestien jaar directeur, ik had niet gedacht dat hij een paar jaar voor zijn pensioen zou vertrekken.” Dit bood König echter een unieke kans te solliciteren naar ‘de mooiste baan ter wereld’. “Het directeurschap van Groningen Seaports is een prachtige, uitdagende functie. Er ligt hier een havengebied dat ongeveer een derde van de Nederlandse elektriciteitsproductie huisvest. Daarnaast hebben we hier een aantal belangrijke industrieën, zoals AkzoNobel (tegenwoordig Nouryon, BS), aluminiumproducent Aldel en het datacentrum van Google.”

>>> Ontmoet Cas König op het Maritime Energy Transition Event op 14 maart in Rotterdam. Vergroot uw netwerk, wissel kennis uit en creëer leads voor duurzame business.

Maar er is meer. König: “Eemshaven en Delfzijl zijn in hoog temp bezig met de energietransitie; de overgang van steenkool en aardgas naar windturbines – zowel op land als op zee – zonnecentrales, biomassa, waterstof en recycling, zoals hergebruik van restwarmte. Ik ken deze havens en de industrie goed, aangezien ik hier sinds 1993 heb gewerkt bij diverse bedrijven. Daarnaast ben ik ook voorzitter van de Industrietafel Noord-Nederland.”

Havenvisie 2030

König is een van de sprekers op het komende MET Event (Maritieme Energie Transitie) van Maritiem Nederland. Hoewel dit symposium pas wordt gehouden op 14 maart 2019, weet de milieu- en bedrijfskundige al welke thema’s hij wil bespreken in Rotterdam. “Het zal vooral gaan over onze milieudoelstellingen uit de Havenvisie 2030. In lijn met het nationale klimaatakkoord moet de CO2-uitstoot in 2030 met 55 procent zijn verminderd ten opzichte van 1990. In 2050 moet het zelfs gaan om een reductie van 95 procent.”

‘Het havengebied huisvest ongeveer een derde van de Nederlandse elektriciteitsproductie’

König realiseert zich dat het havenbedrijf, samen met de industrie en de elektriciteitsproducenten, daarvoor alle zeilen moet bijzetten. “Het is een enorme uitdaging maar het kan! Zeker als de overheid zorgt voor goede randvoorwaarden.” Bij dat laatste denkt hij aan de snelle aanwijzing van locaties voor nieuwe windparken ten noorden van de Waddeneilanden. “Om onze doelstellingen te realiseren is er zo’n 4000 tot 6000 megawatt aan extra vermogen nodig op het Nederlands deel van de Noordzee. Een pittige uitdaging, want dit deel van de Noordzee wordt ook druk gebruikt door de scheepvaart, de visserij en Defensie.”

Faciliteiten voor windturbines

Volgens König kan de Eemshaven een forse groei van offshore windenergie uitstekend opvangen. “We hebben niet alleen voldoende ruimte maar ook uitstekende voorzieningen, zoals speciale zware-ladingkades. Deze kunnen een belasting aan tot dertig ton per vierkante meter. Dat is ideaal voor de assemblage en de opslag van bijvoorbeeld heihamers, monopiles, masten, transitiestukken en rotorbladen.”

De Eemshaven heeft inmiddels een belangrijke rol gespeeld in de bouw van zestien windparken op de Noordzee. Voor het merendeel Duitse windparken als Hohe See en Merkur maar ook bij het Nederlandse windpark Gemini (600 MW). König: “Zowel Eemshaven als Delfzijl beschikt over voldoende ruimte voor assemblage en onderhoud van windturbines. Niet voor niets hebben General Electric en Siemens zich hier gevestigd. Daar komt BOW Terminal uit Vlissingen nog bij.” Overigens timmert Groningen Seaports ook aan de weg als het gaat om windturbines op land. Er staan inmiddels negentig turbines opgesteld in Eemshaven en 55 in Delfzijl, samen goed voor 340 MW.

Nieuwe buisleidingen waterstof

Offshore windenergie is echter niet de enige troef van Groningen Seaports in de energietransitie. König: “Een belangrijk deel van de industrie in Delfzijl gebruikt nu al waterstof. Dat kunnen we in de toekomst produceren uit de elektriciteit van de windturbines op zee. Voor een groter aandeel van waterstof hebben we ook een goede infrastructuur nodig. Daarom zijn we bezig zijn met de aanleg van nieuwe buisleidingen tussen onze twee havens, een afstand van zeventien kilometer, voor het transport van meerdere producten.”

‘Voor een groter aandeel van waterstof hebben we ook een goede infrastructuur nodig’

Een technische wereldprimeur in Delfzijl is het gebruik van een kunststofleiding voor waterstoftransport van AkzoNobel naar een naburig tankstation voor bussen, een afstand van zo’n 500 meter. König: “Deze innovatie hebben we als havenbedrijf samen ontwikkeld met Pipelife. Het grote voordeel is dat deze kunststofbuis niet hoeft te worden gelast en er ook geen kathodische bescherming meer nodig is. Hierdoor kunnen de kosten fors omlaag. We willen nu een groter netwerk aanleggen met deze nieuwe technologie.” In beide havens laat Groningen Seaports ook voor 100 MWp aan nieuwe zonnepanelen bouwen. “Het zijn acht nieuwe projecten, keurig verdeeld over beide havens. Zo heeft in Delfzijl met 30 MWp de op een na grootste zonnecentrale van Nederland gerealiseerd.”

Kolencentrale ombouwen

Als het gaat om biomassa speelt de huidige kolencentrale van RWE (1560 MW) een grote rol. König: “Volgens het klimaatakkoord moet deze centrale in 2030 sluiten. Deze centrale is pas twee jaar oud en heeft 2,9 miljard euro gekost. Sluiting zou kapitaalvernietiging betekenen, vandaar het plan om deze centrale om te bouwen voor het verstoken van biomassa. Doel is om eerst vijftien procent houtsnippers te gaan bijstoken en dit aandeel stapsgewijs te verhogen naar honderd procent in 2030.” Daarnaast telt de Eemshaven nog twee gascentrales, variërend van 350 tot 695 MW (de Engie-centrale), en de drie Magnum-eenheden van Nuon/Vattenfall van elk 440 MW. Dit zijn zogeheten STEG-eenheden (Stoom- en Gasturbines). Het plan is om een van de Magnum-centrales om te bouwen voor de waterstofproductie.

Sinds tien jaar huisvest de Eemshaven de NorNed-gelijkstroomkabel van 700 MW die vanuit Noorwegen duurzame elektriciteit uit waterkrachtcentrales aanvoert. Onlangs heeft de NorNed-kabel gezelschap gekregen van de 325 kilometer lange COBRA-kabel tussen Esbjerg (Denemarken) en Noord-Groningen. König: “Deze kabel gaat vanaf 2019 elektriciteit uit Deense windparken naar de Eemshaven transporten. Op dat moment telt de Eemshaven zo’n 8000 MW aan opgesteld vermogen. Daarmee worden wij steeds meer een draaischijf van Nederland voor duurzame energie. Zeker als de nieuwe offshore windparken ten noorden van de Waddeneilanden in productie komen.”

Lange termijn

Tot zijn huidige functie was König directeur van aluminiumfabriek Aldel. Op de vraag wat het belangrijkste verschil is tussen beide functies, zegt hij: “Meer dan individuele fabrieken is Groningen Seaports bezig met de lange termijn. We investeren vooraf in nieuwe kades, buisleidingen en andere infrastructuur, zonder dat er al klanten zijn. En we kijken naar de lange termijninvesteringen in verduurzaming en energietransitie. Bij bedrijven gaat het toch vooral om de terugverdientijd van investeringen. Juist deze langetermijnstrategieën behoren tot de charmes van deze functie.”

Onderwerpen
Deel deze pagina
CV Cas König (52)

2017-heden: CEO Groningen Seaports

2015-2017: managing director Klesch Aluminium Delfzijl (Aldel)

2009-2015: CEO ESD-SIC

2005-2009: manager sales Kollo Silicon Carbide

1998-2001: Studie bedrijfskunde, Radboud Universiteit

1983-1987: hbo milieukunde, Van Hall Instituut

 

Partners Maritiem Nederland